AVONACU
© AVONACU 2013
Frankrijk
Is eigenlijk de Vogezen pagina
Vogezen November 2010. Vrijdag 26/11: Aalst – Epinal De dag begint vrij bizar, als ik op d grote markt aankom is het stadhuis hermetisch afgesloten door de stakende brandweermannen die een lading zandzakjes voor de poort gekieperd hebben. Na een kort intermezzo in een café besluit ik Jeannique te bellen om haar te verwittigen dat ik er aankom zodat we om kwart voor tien al op weg zijn richting Epinal. De wegen zijn perfect bereidbaar ondanks een regelmatige sneeuwbui en rond 14 uur lopen we al in de plaatselijke Decathlon, gevolgd door de intersport en carrefour. Daarna gaan we een hapje eten in de Mcdonalds en in volle sneeuwstorm begeven we ons richting Formule 1 hotel. We drinken er nog een wijntje, kijken wat tv, gebruiken de free wifi en kruipen in ons bed Zaterdag 27/11 Gelukkig is het ’s avonds gestopt met sneeuwen zodat we na een verrukkelijk ontbijt in een stralend zonnetje onze weg vervolgen. Op de secundaire weg naar Gerardmer ligt er nu en dan wat sneeuw en het is berekoud, -9,5°. Voorbij Geradmer ligt er overal sneeuw op de weg maar het is goed te doen over de Col de La Schlucht. In Munster ligt er amper sneeuw, een groot verschil met de 35-40 cm op de crete. We rijden dan naar Mittlach om van daar onze dagtocht aan te vatten. Het is de bedoeling om van hieruit naar het lac de Altenweiher maar al gauw moeten we onze ambitie bijschaven want er liggen pakken sneeuw op de hellingen. Ons bijgeschaafd doel is de zomerboerderij  Koepfle en van daar uit kunnen we dan via een brandweg naar het Lac de Fichboedle. Vanaf 11 uur is het onophoudelijk beginnen sneeuwen zodat dit echt een op en top wintertocht is. Die brandweg vinden was trouwens geen sinecure want boven de 800 meter zijn alle paden toe gesneeuwd en is het de weg zoeken met de kaart in de hand. Eens op deze bredere weg gekomen gaat alles een stuk gemakkelijker. Aan het meertje staat sinds een paar jaar een kiosk om er overdekt te picknicken en we maken er wat graag gebruik van om onze broodjes te nuttigen. Dan gaat het gestaag naar beneden door het boswaar we nog een shortcut moeten maken om op het juiste pad richting Mittlach te geraken. Rond drie uur in de namiddag staan we terug aan de auto. We rijden terug naar Munster en gaan direct inboeken in hotel La Cigogne waar we een rustige kamer achteraan krijgen. Na een warm bad bezoeken we de kerstmarkt en kuieren wat door de winkelstraat. Om half acht zitten we gezellig met een fles Riesling  te kiezen wat we gaan eten want we mogen om het even wat van de kaart kiezen. Eerst nemen we beiden een salade paysanne, daarna neemt Jeannique een Baeckoeffe en ikzelf kalfssteak met munstersaus en spaetzle. Als dessert houden we het bij een mousse met kirsh  en een crème brulé. Ja, het is hier wat duurder dan we gewend zijn maar zeker de meerkost van 3 sterren waard. Uitgeblust maar meer dan voldaan duiken we onder de veren. Zondag 28/11 Na een nacht op een zeer rustige kamer stappen we rond kwart voor acht uit bed zodat we rond half negen kunnen gaan ontbijten. Het ontbijt is in buffetvorm en we komen echt niets te kort: broodjes croissants, kaas, charcuterie, compote, yoghurt en nog veel meer. Goed gevuld vertrekken we om half tien voor onze dagtocht richting Schneiden om door te trekken naar de open refuge aan de rand van het bos waar we rond kwart voor twaalf aankomen. Het hutje is nog steeds in onberispelijke staat zodat we hier ons middagmaal kunnen nemen: worst, salami, kaas, notenbrood en wijn. Kort na de middag vervolgen we onze weg richting Hotel Roess in hohrodberg waar we eigenlijk voorzien hadden te logeren maar het was reeds volzet. Het hotel is prachtig gelegen op de flank maar verder is er niets, geen café, geen winkeltje, niets. Eigenlijk zaten we voor deze trip dan wel beter in het centrum van Munster. We klimmen nog een beetje hoger langs de weg om dan linksaf terug de bossen in te duiken richting Hohrod. Op een bepaald moment kom je er aan een prachtig uitzichtpunt waar een paneel ligt met de voornaamste herkenningspunten, zeker een kleine omweg waard want het zicht op Kastelberg, kleine hohneck, grote hohneck, enz… is er adembenemend. Gelukkig is het vrij goed weer vandaag zodat we het meeste kunnen spotten. In Hohrod zijn er verschillende gites maar geen hotel of café zodat we een lekkere café au lait nog een halfuurtje moeten uitstellen tot we in het centrum van Munster kunnen binnenvallen in hotel/café du centre.  We brengen onze wandelspullen naar de wagen en keren terug naar ons hotel waar een warm bad meer dan welkom is. Op zondagavond is het restaurant van het hotel gesloten zodat we voor het avondmaal uithuizig moeten gaan. We zijn vrij moe en kiezen voor de brasserie ernaast waar local schotels vlot de deur uitgaan. Jeannique kiest voor een choucroute Alsacienne, ikzelf voor palette de porc met groentenkrans. Meer moet dat zeker niet zijn want geen van ons beiden krijgt zijn of haar bord leeg. We hebben twee fantastische wandeldagen achter de rug. Morgen nog wat foto’s nemen op de crete en ons verlengd weekend is meer dan geslaagd. Maandag 29/11 Het heeft terug gesneeuwd deze nacht en het is nog niet volledig over. Wat een verschil ten opzichte van gisteren toen we bijna de ganse dag onder een winterzonnetje liepen. Na ons ontbijt rekenen we af en maken de wagen klaar voor vertrek.Reeds vanaf het begin van de klim naar Col de la Schlucht rijden we op een wit tapijt en is het geen sinecure om boven te raken. Gelukkig doen de winterbanden hun werk en geraken we zonder problemen boven en terug beneden. Ons voornemen om op de crete foto’s te gaan nemen hebben we laten varen wegens sneeuw en zeer strakke wind. We rijden er bijna twee uur over maar zonder kleerscheuren bereiken we Epinal waar de weg volledig vrij is. We doen er onze laatste inkopen in de carrefour en rijden dan richting Aalst. Alles verloopt vlot tot even voorbij Metz waar alle vrachtwagens opgehouden worden wegens overvloedige sneeuwval. Tussen de Belgische grens en Metz, dus ook in Luxemburg is er geen vrachtverkeer toegelaten met enorme files tot gevolg. We kiezen er voor om via longwy naar Arlon te rijden en hebben duidelijk de juiste keuze gemaakt want we komen bijna niemand tegen. In de Ardennen liggen de wegen naar Belgische normen vrij goed en we nemen nog een korte break bij Pierson in Courriere om dan voor de avondspits door Brussel te rijden. Dit was een dagje om snel te vergeten, we houden de drie prachtige ervoor wel over.
Vogezen Januari 2011. Zaterdag 22/01: Kort na de middag haal ik Erik op en vertrekken we richting Saint-Dié waar we in de plaatselijke Formule 1 zullen overnachten. De wegen liggen er overal goed bij en er zijn helemaal geen stremmingen in het verkeer op zaterdagnamiddag zodat we een dikke 4 uur later al op onze kamer zitten. We vullen de avond met internet en voetbal op tv. Zondag 23/01: Na het ontbijt zijn we voor 8 uur al op weg naar het Lac Blanc. In een half uurtje staan we aan de rand van het meer waar opvalt dat het helemaal niet dichtgevroren is, geen goed teken voor het ijsklimmen. Het weer is ronduit prachtig maar bitter koud: -10° op de parking. Na een flinke klim van de parking tot in het couloir door een adembenemend decor kunnen we enkel vaststellen dat er zo goed als geen ijs aanwezig is. Geen wonder als je weet dat het hier woensdag nog 14° was. Toch vinden we een spot waar het zeker het proberen waard is , rechts van le diedre. Ik klim 6-7 meter en zie dat het ijs veel te dun en broos is om degelijk af te zekeren dus klim ik terug naar beneden en hou het voor bekeken. Ik heb ook last van mijn vingers die in Cogne vorige maand bevroren geweest zijn. De dokter kon enkel vaststellen dat het zenuwstelsel van mijn beide wijsvingers aangetast is en dat het tot een jaar kan duren vooraleer deze terug de oude zijn. Ik moet dus nog meer dan vroeger opletten dat dit niet terug gebeurt om permanente schade te voorkomen. Einde van het ijsklimavontuur voor dit jaar dus. We maken nog een fikse wandeling lans de crete boven het Lac Blanc en rijden dan naar Auberge Lorraine in Le Valtin waar ik een kamer gereserveerd heb. Groot is onze verbazing al we er aankomen want er staan zoveel wagens dat je er zelfs niet kan parkeren. Blijkbaar is deze auberge één van de betere locaties om lekker te eten van de locale specialiteiten. Vooral wild en entrecote op het haardvuur zijn voltreffers. We krijgen onze kamer toegewezen en vinden ze meer dan toereikend: groot, prachtig zicht en recent vernieuwd. Dit lijkt een voltreffer te zijn en dat voor 45 Euro in half pension. Na de middag doen we nog een wandeling maar ik voel me niet zo OK en zweet als een werkpaard, waarschijnlijk van mijn medicijnen of een aankomende verkoudheid. ’s Avonds kunnen we ook genieten van de culinaire vaardigheden van de chef: hamaspic met peterselie, gerookte schenkel met linzen, kaas en een dessert in mijn geval frambozentaart en koffie. Gewoon top zodat onze afknapper op het ijs snel vergeten is. Maandag 24/01: Vandaag gaan we kijken of er iets te beklimmen valt in de goulotten om en rond de Hohneck. Het weer is gitzwart en dreigend maar het blijft droog. We vertrekken langs het pad tegenover le trois fours en duiken naar beneden richting frankental. We besluiten het zekere voor het onzekere te nemen en kiezen voor couloir dagobert, de meest met sneeuw gevoede. Onderaan is de sneeuw zeer zacht maar hij plakt niet onder onze stijgijzers, bovenaan is er nog oude harde, verijsde sneeuw aanwezig, hard genoeg om te frontpointen. Het doet echt deugd om nog eens zo een mooi tochtje te doen, dit is zeker voor herhaling vatbaar. Na deze escapade besluiten we om ons op het sentier des roches te wagen, dus terug naar beneden via het gebruikelijk pad. Eens op het sentier des roches is het toch wel uitkijken geblazen want het pad is op veel plaatsen verijsd. Na ruim ¾ van het pad zitten we muurvast en is er geen doorkomen aan, ook al omdat we gewoon het pad niet meer vinden en nergens een blauw ruitje bespeuren op een boom. Dan maar terug omhoog via refuge les trois fours waar we een kijkje gaan nepen in de vernieuwde hut maar deze valt een beetje tegen. Je komt nu boven en staat er aan eenbalie waar je moet uitleggen wat je komt doen. Een groot contrast met vroeger waar Sylvie steeds in haar keuken wat lekkers aan het klaarmaken was en de ontvangst hoog in het vaandel gedragen werd. We drinken er iets en gaan dan door naar de wagen om af te zakken naar auberge lorraine waar het toch beter vertoeven is en dit voor slechts 7 Euro meer. Het avondeten is terug voortreffelijk zodat dit zeker een plaats is om terug te komen. Dinsdag 25/01: Na het ontbijt rekenen we af en rijden we naar de Col de la Schlucht waar we zullen vertrekken naar de hirschsteine via de ladders. Ik heb een zware verkoudheid en een stijve nek maar voor deze tocht wil ik toch nog een extra inspanning leveren want deze is zeker de moeite waard. Het eerst stuk naar de crete is toch wel zwaar met mijn te kort aan adem, eens boven gaat het een stuk makkelijker. Van zodra je door de rotsnis bent is het zeker opletten geblazen want als je hier valt ben je nog niet thuis. Het pad is toegesneeuwd tot bijna aan de relingen en aan de trap is het spoor volledig weg maar eens op de trappen gaat het weer vlot want die zijn wel verijsd maar liggen er toch goed bij. De terugtocht is nog vrij pittig maar zonder kleerscheuren bereiken we terug de parking. Nog voor de middag vatten we de terugtocht aan en enkel in Luxemburg en in de Ardennen is het moeilijk rijden door het winterweer. Net voor de avondspits laveren we langs de Brusselse ring en rond 16 uur zijn we terug bij moeder de vrouw. Home sweet home.
Vogezen maart 2011 Vrijdag 4 maart: We gaan een weekendje stappen in de Vogezen waar nog vrij veel sneeuw ligt en zodoende een goede training is voor onze Nepalreis eind deze maand.Het is zeer druk richting Brussel als we rond half één de snelweg oprijden. Batibouw zal daar wel voor een groot stuk tussen zitten al is het ook het begin van de krokusvakantie. We rijden dan maar via Nijvel en Charleroi naar Namen zodat we amper tijd verliezen. Het weer is prachtig, de wegen zijn vol maar we kunnen vlot blijven rijden zodat we rond half vijf de parking van het commercieel centrum in Epinal opdraaien waar we een kijkje nemen in de plaatselijke intersport. Daarna gaan we boodschappen doen in de carrefour waar we het nodige proviand indoen voor vanavond en de komende middagen. In het formule 1 hotel maken we nog een snelle hap klaar en gaan dan naar onze kamer want ik ben dood op zodat ik weinige minuten later als een blok in slaap val. Zaterdag 5 maart: Negen uur en we staan klaar aan auberge Breitsouze waar onze dagtocht begint. We volgen een stukje route de crete tot we voor auberge Ferschmuss afdalen richting lac de Blanchemer. Hier ligt er nog volop sneeuw en doordat het enkele graden gevroren heeft is het lekker stappen. Bij het meer aangekomen houden we even halt voor een kopje thee en trekken dan verder richting col de l’etang waar een kleine abri staat. Dan klimmen en dalen we verder richting col de Bramont welke open is voor het verkeer. Aan deze col houden we halt en picknicken er onder een stralende zon wat de broodjes met regionale kaas en ham nog meer doen smaken. Met een grote lus keren we terug naar de col de l’etang en trekken verder richting Rainkopf onder welke we een traversée maken over gladde schuine paadjes naar auberge Ferschmuss toe. Van daar gaat het over de hard besneeuwde weg terug naar auberge Breitsouze waar we ons zelf trakteren op een fris pintje onder de blakende zon. We hebben Zes en een half uur door de sneeuw getrokken met meer dan 600 hoogtemeters en dat laat zich toch wel voelen zodat we wat blij zijn als we kunnen uitpakken in onze kamer van auberge Lorraine in Le Valtin. Na een verkwikkende douche is het al gauw tijd voor het avondmaal en we mogen zeker niet klagen over het eten: paté en croute, varkensgebraad met champignons, kaas, dessert en koffie aangevuld met een martini en een karaf rode wijn. Moe maar meer dan voldaan vallen we een weinig later in slaap Zondag 6 maart: Na ons ontbijt rijden we een vijftal kilometer verder richting Le Rudlin van waar we onze tocht zullen aanvatten. Vandaag is het vrij simpel wat we gaan doen: we stijgen van 720 meter in Le Rudlin naar 1306 meter vlak bij het Lac Blanc bovenop de gazon du Faing. Dan lopen we een klein uurtje op les hautes chaumes en dalen dan terug af via auberge gazon du Faing richting cascade du Rudlin en Le Rudlin zelf. De tocht omhoog verloopt vrij vlotjes op een paar gladde stroken na waar we over moeten en dit op een vrij smal pad. De zon is terug volop van de partij zodat ook deze euvels zonder problemen overwonnen worden. Na een korte pauze boven het Lac Blanc trekken we les hautes chaumes over en in tegenstelling tot de eerste twee uur waar we niemand tegenkwamen is het hier vrij tot zeer druk. Velen volgen over enkele kilometers de bovenkant van de crete richting Tanet maar wij slaan dus rechts af naar de auberge die open is niet in het minste omdat deze zijde van de route de crete één grote langlaufpiste is tussen col de la schlucht en het skistation van Lac Blanc. Hier is het altijd fijn vertoeven en de bediening door twee jonge deernen is er uiterst…vriendelijk en netjes. Terug op weg naar beneden is het nu meer dan opletten geblazen want het pad is volledig verijsd en we kunnen ons amper rechthouden. Dit zijn zo echt van die stroken die Jeannique haat en we zijn dan ook wat blij dat we zonder kleerscheuren beneden raken. Eens terug in de bewoonde wereld genieten we nog wat languit op een bak in de zon om dat terug af te zakken naar het hotelletje. Auberge lorraine is zeker een aanrader en voor 42 Euro in half pension met die keuken moet je echt niet verder zoeken. ’s Avonds is het terug een waar eetfestijn met toch wel minder eten dan bij Darma in Cogne waar je echt te veel krijgt, maar meer dan voldoende en toch wat fijnere kost. Dit waren twee zeer mooie en zware wandeltochten die het naar hier afzakken maar dan rechtvaardigden. Maandag 7 maart: We besluiten om na het ontbijt op het gemak af te zakken richting Aalst omdat we niet in de file willen zitten en een korte tocht geen echte meerwaarde heeft aan onze training voor Nepal. Dit was een kort maar krachtig weekendje en de verplaatsing meer dan waard. De zon was gans de tijd van de partij wat het afzien zeker milderde, hopelijk hebben we binnen een paar weken hetzelfde weertje in de Himalaya.
Vogezen augustus 2011 Vrijdag 12 augustus: We gaan nog eens logeren in Le Valtin, dit keer met Erik en Nancy. Voor haar is het een eerste trip naar de Vogezen, laat ons hopen dat het weer een beetje meevalt want anders is het voor Nancy des te erger. Ik ben een uurtje vroeger gestopt zodat we voor het drukke weekendverkeer uit kunnen rijden. Bij de tankbeurt in Luxemburg brandt terg het verklikkerlichtje van de servo maar eigenlijk is er niets aan de hand, mijn wagen houdt gewoon niet van Luxemburgse diesel. Het is de ganse weg mooi weer maar als we bijna op bestemming zijn begint het te regenen. Die regen verandert in "water gieten" als we in Le Valtin aankomen. Eenmaal ingecheckt en de kamer verdeeld, er was enkel nog één dubbele kamer beschikbaar, gaan we nog een wandelingetje maken want het houdt terug op. Toch zijn we amper vertrokken of het giet terug water zodat we even voor halfweg terugkeren naar het hotel. We vinden troost in een heerlijk avondmenu en een glaasje grappa miele. Zaterdag 13 augustus: Je houdt het niet voor mogelijk maar het is schitterend weer vandaag zodat we na het ontbijt meteen de wagen nemen en naar het Lac Blanc rijden, het startpunt van onze wandeling. Van het Lac Blanc gaat het door het bos naar Lac Noir om van daaruit een prachtige weg te nemen langs bos en wei tot aan col de Wettstein waar een militair kerkhof gelegen is. Even voorbij het kerkhof duiken we terug het bos in waar we lunchen op een paar boomstammen. Even later passeren we een bank met ongelofelijk vergezicht, goed om weten als we de wandeling nog eens doen en wat nog meer meevalt is de auberge wat verderop. Je kan er een frisse pin drinken en locale specialiteiten eten in dit in een alpine omgeving. Wat verder zijn we even de weg kwijt maar al gauw vinden we een prachtig alternatief langs het hospitaal van Pairis en zo verder omhoog over een weggetje met adembenemende vergezichten en dit in volkomen rust. We zijn augustus en op de wandelpaden zie je bijna niemand, gewoon zalig. Komt hier nog bij dat het vandaag zo warm is dat ik mijn cap moet opzetten om niet te verbranden en als we uiteindelijk terug aan het Lac Blanc aankomen hebben we echt wel een frisse pint verdiend. Bij aankomst aan het hotel verfrissen we ons en gaan dan nog een kijkje nemen op de artisanale markt in Le Valtin. Er is zeer veel volk en de alpenhoornblazers zijn vrij goed maar verder valt er niet veel te beleven op dit mini-evenement. 's Avonds worden we opnieuw verrast met een heerlijk diner, Auberge Lorraine is meer dan top voor deze prijs. Zondag 14 augustus: Terug stralend weer vandaag en we starten vlakbij het hotel aan l'etang des dames in Le Rudlin. Na enkele honderden meters asfalt gaan we linksop steil het bos in via een single track. Langs dit pad gaan geen 200 mensen omhoog per jaar en soms zijn de bruggetjes over de vele beekjes er dan ook naar. Dit is echt nog genieten van de natuur en ook Nancy en Erik weten dit te appreciëren. Na een paar uur klimmen steken we de route des cretes over om een weinig later aan de bovenkant te staan van het Lac Blanc. We volgen het randpad richting gazon de faing en wat later passeren we een bank met majestueus uitzicht over het meer en de omgeving. We houden er een pauze en nemen onze tijd om te genieten. Terug op pad gaan we over de gazon de faing tot aan de kruising vlak voor Le Tanet en gaan we richting auberge maar plaats om binnen te zitten is er niet en de wolken worden echt wel dreigend om buiten iets te nuttigen. Dan maar terug door maar we houden het niet droog want enkele minuten later krijgen we een fikse stortbui over onze nek. Gelukkig duurt het amper tien minuutjes en dalen we terug richting cascade de Rudlin in het zonnetje. Aan de splitsing richting cascade wacht Jeannique een beetje op ons want ze heeft wat last van haar knie door het vele dalen. Wij gaan foto's nemen van deze toch wel imposante waterval om daarna verder af te dalen richting wagen. Ook deze wandeling was een voltreffer en terug aan het hotel is het weerom genieten van een frisse pint. Bij het avondeten maakt de eigenares er ons attent op dat het deze avond om 22 uur vuurwerk is boven het meer ven Gerardmer en we besluiten dan ook er heen te gaan. Onderweg, niet ver ven het hotel moet ik in de gitzware avond plots stoppen voor een aantal reeën die zich op de weg wagen. In de stad is er een massa van jewelste en ik raak amper de wagen nog kwijt. Toch zijn we op tijd om dit grootse spektakel van nabij te kunnen volgen. Meer dan 20 minuten worden we verwend met allerhande kleuren en groottes. Eens gedaan is het blijkbaar terug de vlucht naar de wagen en naar huis. Moe maar voldaan kruipen we rond 23 uur in ons bed. Maandag 15 augustus: Een dag om zo gauw mogelijk te vergeten op deze feestdag. Het regent pijpenstelen en we besluiten om na het ontbijt af te zakken naar Gerardmer waar we eerst inkopen gaan doen in de super U. Deze is open op de feestdag zodat we wat locale producten mee huiswaarts kunnen nemen. Daarna kuieren we nog wat door het stadscentrum maar als het terug begint te regenen geven we er de brui aan. Na een korte tankstop in Luxemburg rijden we direct door naar de eerste carestel in België waar het eten toch wel lekkerder is. Een paar uur later zijn we alle vier terug thuis van een toch wel geslaagde korte vakantie waar de Vogezen een topbestemming voor zijn.
Vogezen januari 2012 Donderdag 26 januari: Kwart voor één en we, Erik en ikzelf zijn onderweg richting Epinal. Het verkeer valt reuze mee zodat we even na vijf uur al in de Decathlon lopen om de vooravond te doden. We gaan nog een hapje eten in de flunch om daarna ons roes te gaan uitslapen in de naburige Formule 1. Vrijdag 27 januari: Na het ontbijt rijden we richting route des crètes tot de boerderij/auberge waar je niet verder meer kan. Daar gaat het te voet verder over de besneeuwde baan om dan rechts af te slaan richting lac de Blanchemer. Er ligt een pak sneeuw bovenop de crète in tegenstelling tot in Gerardmer waar bijna geen vlok te zien was. De sneeuw ligt vrij hard bevroren zodat we geen sneeuwraketten meenemen voor deze tocht. We volgen de markering met het gele bolletje tot aan het meer dat deels dichtgevroren ligt na een korte break in de kleine refuge, het sneeuwt nu vrij hard trekken we verder om in een grote cirkel op de route des crètes te  komen. Die steken we over en gaan omhoog tot op de Rainkopf waar het zicht vrij summier is waardoor je je nauwelijks kan oriënteren. Als we bijna de verkeerde richting uit zijn halen we kaart en kompas erbij en zakken veilig af richting auberge Breitsouze waar we de innerlijke mens nog wat verstevigen. We rijden tot op de parking van refuge Les Trois Fours en trekken door de sneeuw naar de hut. Het is de eerste keer sinds het vertrek van Sylvie, de vorige uitbaatster. Yvane, de nieuwe uitbaatster houdt de touwtjes meer dan stevig in handen en legt de "gasten" allerhande regeltjes op. Om het kort te houden, er schiet nog weinig over van het gemoedelijk onthaal van weleer, de hut is veranderd in een klein fabriekje. Ook de maaltijden zijn niet mee hetzelfde: geen streekgerechten met typische smaken maar een soort Marokkaanse plât die droog is en flets. Er zal al veel moeten gebeuren om daar nog te overnachten. Hier komt nog bij dat er achteraan de hut een rund van een hond rondloopt die te pas en te onpas aan het blaffen gaat. De zwijnen, de gemzen, de vos (die bij Sylvie elke avond een hapje kwam eten), de lynx... allen houden ze zich nu schuil in de duisterheid van het bos. Exit Les Trois Fours... We gaan nog even kijken op het uitkijkpunt waar je gans het Frankental kan over schouwen en kunnen enkel constateren dat er geen enkele lijn beklommen is, zelfs niet de normale route van de col du falimont. Dat wordt niets morgen met dit warme weer, in de namiddag is het een graad of 7-8. Zaterdag 28 januari: Tijdens het ontbijt krijgen we van een andere klant, jammer genoeg niet van de uitbaters, een print van een lawinerapport gisteren aan de andere kant van de Hohneck. Daar is dus een vrij grote massa sneeuw de vallei ingestormd.  Couloirs klimmen zit er dus hoegenaamd niet in de komende paar dagen. We besluiten dan maar een stevige boswandeling te gaan maken in het bos van Munster. Daar ligt helemaal geen sneeuw en zitten we aan de goede kant voor eventuele regen: veel minder regen in de Elzas dan in de Vogezen. We zullen dan ook de ganse dag in fleece kunnen wandelen. We maken een tocht van een uur of vijf om terug via de GR in Munster aan te komen. Daar kuieren we nog wat rond en begeven ons dan naar auberge lorraine in Le Valtin. Voor de komende drie nachten zullen we daar ons basiskamp hebben. Voor amper 10 Euro meer per nacht heb je een echte kamer met alle comfort en gratis wifi, wat mij meer dan bekoort. En dat prijsverschil is al helemaal weggewerkt als we 's avonds aan het dineren zijn: lekkere traditionele streekkeuken. Wat een verschil tegenover gisteren. Zondag 29 januari: Vandaag doen we de wandeling van Rudlin naar het Lac Blanc en over de Gazon de Faing terug via de auberge en de cascade de Rudlin naar de wagen, een pittige tocht met deze sneeuw. Als surplus is er nog sneeuwval en is het bitter koud vandaag. Eigenlijk is het geen weer om een hond door te laten, we voelen ons dus in ons sas. Na een uurtje lopen we op de rand van een vallei waar beneden 2 edelherten op zoek zijn naar voedsel. Het weer is lang vrij goed geweest in de Vogezen maar nu hebben de dieren het echt niet onder de markt. We kruisen de route des crètes waar de winter piste voor langlauf gans de winter wordt geprepareerd en waar geoefende en minder geoefende sportlui van alle leeftijd hun hobby beoefenen. Eens boven op de crète, langs de gazon du faing is de pret er eigenlijk een beetje af: het sneeuwt nog steeds en er i een wind wan jewelste samen met een vrij dichte mist, echt kloteweer. Aan de rand van het Lac blanc is het meer zelfs niet te zien in deze witte brij. We proberen een groep op sneeuwschoenen te volgen maar zijn er al gauw van overtuigd dat ze de richting ook snel bijster zijn en vaak zijn de sporen van de personen die 100 meter voor ons uit lopen al uitgewist als wij er passeren. Doordat wij enkel onze hoge schoenen aanhebben is onze afdruk een stuk dieper en kunnen we onverrichter zake nog terugkeren op onze passen. We zijn wat blij als we terug aan de bosrand zijn waardoor er terug enig zicht is. We zakken terug af tot op de baan/skipiste en volgen deze tot op het punt dat we terug het pad kruisen richting cascade de Rudlin. We nemen nog een korte pauze aan het jachthuisje onderweg en voor één keer is het zelfs open. Terug aan de wagen haasten we ons richting hotel want we zullen nog op tijd zijn om naar het WK veldrijden te kijken. Ook al staat er op de livestream van sporza dat dit enkel te volgen is in België, toch kunnen we probleemloos Niels Albert de rest van de meute in de vernieling zien rijden. De ene op de kamer is daar best tevreden mee, de andere gaat na de afslachting nog een wandelingetje maken in de omgeving. Bij het terug voortreffelijke avondmaal is alles al lang vergeten en genieten we van ons diner. Maandag 30 januari: Het is nog maar eens aan het sneeuwen dus zakken we af richting Munster en zelfs nog een stukje verder waar we een wandeling zullen doen in de omgeving van Winzenheim. Het is een pittige wandeling met een vrij lange beklimming waar we enkele ruïnes van kastelen uit vervlogen tijden passeren. Vervolgens nemen we een pad waar een waarschuwing staat dat er een (of meerdere) lynx aanwezig is en het duurt niet lang af we vinden sporen, vooral in de omgeving van rocher Turenne. Van daar zakken we af naar het maison forestierre via een lange en eenzame bosweg waar we een familie everzwijnen opschrikken. Het sneeuwt onophoudelijk en de fun is er een beetje af. In de super U van Munster gaan we na de wandeling een koffie drinken en doe ik de nodige boodschappen om het thuisfront te plezieren. Tegen 30 Km/H rijden we de col de la schlucht op en de laatste kilometers gaat het nog een stuk trager omdat een vrachtwagen amper omhoog geraakt. We zien onderweg ook een vrij zwaar ongeval zodat we blij zijn als we de parking van auberge lorraine oprijden. Dit was duidelijk de mindere dag van onze trip. Gelukkig houdt het rond 16 uur op met sneeuwen. Dinsdag 31 Januari: Het weer wil echt niet mee en het sneeuwt terug lichtjes. We maken er dan maar een eind aan en rijden terug naar huis. Tot een eindje voorbij Gerardmer blijft het sneeuwen maar daarna wordt het al gauw motregen en vanaf Epinal rijden we zelfs onder een winterzonnetje tot in Luxemburg. Het is bar koud als we staan te tanken en we kunnen niet snel genoeg thuis zijn. Ook in Aalst heerst koning winter en dat zal nog een paar weken duren. Volgende keer ijsklimmen in Coo?
Vogezen juli 2012 Donderdag 5 juli: Twintig na twaalf en we zijn onderweg naar Epinal. In Courriere staan we stil voor een ongeluk, gelukkig zonder erg en het is pas gebeurd dus verliezen we amper een dik half uur. Voor de rest van de rit zijn er geen problemen mee en rond 17 uur staan we in de Decathlon van Epinal, wat later in de intersport om vervolgens onze laatste aankopen te doen in de Carrefour waar we ook verrukkelijk eten in de Flunch. Na al dat aankoopgeweld vinden we rust in het formule 1 hotel van Epinal. S’ Avonds vernemen we dat in de namiddag Aalst getroffen is door een wolkbreuk, hopelijk is er niet te veel schade, voor ons is de kans klein want we wonen op de tweede verdieping. Vrijdag 6 juli: Het heeft deze nacht fors geregend maar na het ontbijt klaart het op en als we in Gerardmer aankomen rijden we met de wagen over de col des grosses pierres waar de renners morgen over moeten tijdens hun “vogezen-rit”. Ik heb deze col een paar jaar geleden al eens gedaan met de fiets maar dan in omgekeerde richting welke toch wel een stuk steiler is.  Na een tas koffie rijden we naar de crete waar we een  pittige wandeling starten richting lac de Schiessrotried waar we lunchen. Na onze break hebben we de keuze tussen een lange tocht naar de Kastelberg of een meer dan pittige klim via Wormspiel. We kiezen voor het laatste en na een dik uur klauteren liggen we in de col te luieren in het gras, genietend van een zomerzonnetje.  Dan gaat het richting auberge lorraine waar we de laatste 30 km van de tour volgen en nog net de reuzenvalpartij zien waar Van Summeren één van de grote slachtoffers is. Sagan is alweer te sterk. Het avondeten is zoals steeds top met paté en croute, varkensrib op het houtvuur met gestoofde groentenmengeling en frietjes, kaas, dessert en een koffie. Een lekker rood wijntje vergezelt alles en meer moet dat voor vandaag niet zijn. Zaterdag 7 juli: Vandaag staan de Vogezen volledig in functie van de tour want deze passeert hier vlakbij op de col des grosses  pierres om eerst  Gerardmer te doorkruisen. Nu we hier toch zijn willen we dit spektakel voor geen geld van de wereld missen  zodat we na het ontbijt richting La Bresse rijden en onze wagen in een gehucht onder de col achterlaten. Van hier is het 40 minuutjes klimmen naar de col en we dalen dan nog een tiental minuten af richting Gerardmer. Rond 10 uur zijn we op bestemming en dan kan het wachten beginnen maar eigenlijk valt dit reuze mee want er is van alles mee te maken: hier en daar gaat er iemand in buikvlucht van het talud, meerder bikers passeren, de ene al wat sneller en fitter dan de andere en rond half één begint de reclamestoet die de toer voorafgaat. Eigenlijk wordt daar enkel brol door de ramen naar buiten gekieperd maar voor de sport doen we natuurlijk mee aan het grabbel avontuur, iets wat onze franse linker buurman maar weinig kan appreciëren. Op de duur slaat hij groener uit dan de trui van Sagan want zowel hijzelf als zijn klungelsmurf zoon zijn net iets te laat om al dat “moois” op te rapen.  Gelukkig wordt er ook nog gefietst en als je die olijke bende ziet naar boven peddelen besef je pas wat “echte” topsport is. Meerdere ingepakt met allerhande tape en windels vlammen ze deze col op en een dik uur later zal op de planche des belles filles de hel pas echt losbarsten. Bij het zien van al dit geweld besef je pas waarom dit wielersport genoemd wordt tegenover het voetbalspel. Jammer dat Jurgen Van den Broeck op 10 km van de aankomst van de fiets moet want zijn klimcapaciteiten zijn blijkbaar nog verbeterd. Hopelijk was dit euvel het laatste voor deze tour en kunnen we nog volop van deze topbelg genieten. Rijk halzend naar de bergetappes  genieten we van ons terug over lekker avondmaal. Enige minpuntje, na een zonovergoten dag met meer dan 28° is het terug aan het regenen deze avond. Zondag 8 juli: Het heeft deze nacht water gegoten en rond half acht regent het nog steeds pijpenstelen in die mate zelfs dat we tot bijna half negen in ons bed blijven liggen. Toch houdt het min of meer op als we na het ontbijt in de wagen stappen richting lac Blanc. Toch valt er terug nattigheid als we vertrekken richting lac noir maar al bij al valt het nog mee. We lopen trouwens in tegengestelde richting van een ultraloop die ons pad kruist; honderden hebben gekozen om 24 of 50 km te lopen op geërodeerde weggetjes met natte rotsblokken. Hoed af voor deze sportlui, hiervoor hebben we mateloos respect zeker als we meerdere kranige zestigers tegenkomen. Vanaf half elf houdt het op met regenen en is er enkel nog een zuur windje  op de hogere gedeelten van de tocht. Aan het kerkhof van Wettstein houden we even halt om even naar de 3000 kruisjes te staren, de enige stille restanten van het zinloos geweld dat Duitsland tot twee keer toe hoognodig moest starten. In totaal liggen er op de 8 kerkhoven in de Vogezen 13500 geallieerden, slachtoffers van beide oorlogen. We houden ons hart vast als verheerlijkers van dit gedachtengoed in België aan de macht zouden komen… Een eindje voorbij het kerkhof lunchen we op het bankje met het mooiste uitzicht van de Vogezen, aldus volgen ons natuurlijk. Wat later gaan we in het gehucht Le Coin een frisse pint drinken om dan verder af te zakken langs een prachtig pad tot Pairis waar een eindeloze klim begint tot aan het Lac Blanc. Moe maar voldaan rijden we terug naar ons hotel om de laatste kilometers van de tour mee te pikken. Maandag 9 juli: Nog een beetje moe van de toch wel stevige tocht van gisteren besluiten we om op ons gemakje af te zakken naar belgenland. In Epinal gaan we eerst naar de carrefour om aankopen te doen en dan zijn we op terugweg. We zitten aan de juiste zijde want in Luxemburg staat er richting Frankrijk een kilometerslange file. Kort na de middag laden we uit en kan de was ingestoken worden. Terug thuis…
Vogezen juli 2014 Donderdag   10   juli:   Het   is   kwart   voor   drie   en   we   vertrekken   richting   Epinal.   Alles   verloopt   vlot   tot   aan   de   grens   tussen   Luxemburg   en   Frankrijk   want   er   is   een ongeluk   gebeurd   in Thionville.   We   moeten   een   klein   uurtje   aanschuiven   maar   eens   hier   voorbij   gaat   het   terug   vlotjes.   Om   half   acht   rijden   we   de   parking   van   de carrefour   in   Epinal   op   om   gauw   nog   een   en   ander   te   kopen   voor   de   picknick   van   morgen   en   om   daarna   lekker   te   gaan   eten   in   de   flunch.   Tegen   kwart   voor negen zijn we in de F1 van Epinal en minder dan een uurtje later verblijven we in dromenland. Vrijdag   11   juli:   Rond   kwart   na   zeven   ontbijten   we   en   vervolgens   rijden   we   richting   route   de   crete.   In   Gerardmer   is   alles   versierd   voor   de   tour   van   morgen   en overmorgen.   De   wegen   zijn   gerepareerd   en   zelfs   gestofzuigd,   overal   hangen   er   gele   fietsen   en   het   krioelt   er   van   de   campingcars.   Jammer   dat   we   al   40   km   in de   regen   aan   het   rijden   zijn   maar   als   we   omhoog      klimmen   naar   de   col   de   la   Schlucht   gebeurt   het   onwaarschijnlijke.   Normaal   regent   het   boven   steeds   meer dan   beneden   maar   nu   gaat   de   regen   over   in   mist   zodat   we   zelfs   met   de   ruitenwissers   uit   kunnen   rijden.   We   stoppen   aan   auberge   au   pied   du   Hohneck   waar   we zullen   logeren,   we   aten   er   al   een   paar   keer   voorheen   maar   nu   blijven   we   er   ook   slapen.   We   krijgen   om   kwart   voor   negen   al   de   sleutel   en   nemen   direct   onze intrek   op   de   kamer.   Die   is   klein   maar   ingericht   voor   drie   zodat   we   toch   ruimte   zat   hebben.   Tegen   kwart   over   negen   parkeren   we   de   wagen   enkele   kilometers verderop   aan   ferme   firstmiss   waar   het   nog   steeds   mistig   is   maar   toch   droog.   Daar   het   direct   omhoog   is   richting   Rainkopf   starten   we   in   t-shirt   en   zullen   tijdens de   ganse   tocht   niet   meer   moeten   veranderen.   Tussen   Rainkopf   en   Rotenbachkopf   nemen   we   foto's   van   verschillende   gemzen   die   er   op   los   spelen   en   geen oog   hebben   in   onze   aanwezigheid.   Vanaf   de   Rotenbachkopf   gaat   het   via   Steinwasen   pal   naar   beneden   tot   Kolbenwasen   waar   we   lunchen   op   een   idyllisch plaatsje   voor   een   kapel:   worst,   kaas,   spekbrood,   jam,   boter   en   wijn,   meer   moet   dat   niet   zijn. Als   we   weer   vertrekken   weten   we   dat   het   vanaf   nu   enkel   nog   550 meter   bergop   gaat.   Na   een   dikke   200   meter   stoppen   we   even   aan   lac   Altenweier   waar   we   de   eerste   mensen   ontmoeten   vandaag.   Dan   nemen   we   eens   een voor   ons   nieuwe   route   richting   Kerbholz   en   we   zullen   het   geweten   hebben.   Je   ziet   aan   het   pad   dat   het   niet   veel   gebruikt   wordt   en   je   traverseert   de   ene steenslag   na   de   andere   over   spekgladde   stenen,   de   ene   al   groter   dan   de   andere   en   dit   gedurende   een   klein   uur.   Dit   is   niet   Jeannique   haar   dada   en   ze   is   wat blij   als   we   na   een   pittig   klimmetje   aan   de   wegwijzer   komen   richting   auberge   Kastelberg.   Tot   aan   de   auberge   is   het   echter   nog   een   dik   kwartier   stevig   klimmen door   weide,   we   hebben   dus   een   lekkere   pint   meer   dan   verdiend.   Als   we   het   laatste   stuk   richting   auto   aanvatten   komt   terug   de   mist   sterk   opzetten   zodat   we amper   nog   kunnen   volgen   op   kaart   en   gps.   Gelukkig   weten   we   perfect   waar   we   geparkeerd   staan   en   in   de   dikke   brij   bereiken   we   ons   einddoel.   Terug   in   onze auberge   gaan   we   direct   douchen   om   de   vermoeidheid   weg   te   spoelen   want   als   eerste   tochtje   kon   dit   zeker   al   tellen.   Het   avondmaal   is   topeten:   eerst   paté   van de   chef   met   cruditeiten   gevolgd   door   tartiflette   met   een   charcuterieschotel   en   groene   salade.   Tot   slot   mogen   we   nog   een   dessert   kiezen   van   de   kaart,   kortom, we hadden genoeg. (Grapje) Neen, we waren overboeft. We hebben duidelijk een nieuwe stal gevonden in de Vogezen, dit smaakt zeker al naar meer. Zaterdag   12   juli:   Even   na   half   acht   ontbijten   we   na   een   meer   dan   rustige   nacht.   Huisgemaakte   jam,   vers   brood,   munsterkaas,   joghurt,   fruitsap   en   warme   drank naar   keuze,   wat   moet   een   mens   meer   hebben?   Hierboven   op   de   crete   regent   het,   hopelijk   klaart   het   uit   in   La   Bresse,   toch   een   dikke   500   meter   lager.   In   La Bresse   zoeken   we   eerst   een   goede   parking   zodat   we   direct   wegkunnen   na   de   koers.   Dan   kopen   we   eten   in   de   super   U   en   schaffen   ook   de   kaart   van   Le Markstein   aan   want   daar   gaan   we   morgen   wandelen   en   naar   de   tour   kijken.   Het   weer   is   hier   duidelijk   beter   en   massa's   supporters   beginnen   aan   de   klim   van   de col   des   grosses   pierres.   Wij   waren   van   plan   eerst   een   fikse   wandeling   te   maken   maar   met   deze   volkstoeloop   lijkt   het   ons   beter   een   goede   plaats   te   zoeken   en daar   te   blijven.   Gelukkig   komt   het   zonnetje   er   door   zodat   we   languit   op   het   asfalt   kunnen   luieren.   Rond   kwart   voor   drie   breekt   er   een   onweer   los,   een   half   uur hebben   we   gutsende   regen   en   dan   terug   brandende   zon.   Voordeel   van   deze   steile   helling   is   dag   de   reclamestoet   er   niet   over   mag   zodat   de   straat   niet   vol   brol ligt.   Tegen   half   vijf   hebben   we   terug   bakken   regen   en   nu   is   het   blijkbaar   niet   voor   eventjes.   De   renners   zullen   het   geweten   hebben,   ook   zij   moeten   deze zondvloed   trotseren   als   ze   langs   komen.   Kadri   rijdt   alleen   de   zegeroem   tegemoet,   een   puike   prestatie   van   de   vroege   vluchter.   Na   de   passage   van   de   renners     haasten   we   ons   naar   de   wagen   zodat   we   rond   half   zeven   aan   de   Hohneck   zijn   die   volledig   in   de   erwtensoep   zit,   je   ziet   bijna   geen   steek.   Vandaag   zullen   we een   iets   minder   rustige   avond   en   nacht   hebben.   Een   bende   motards   moet   zich   danig   laten   opmerken   door   zoveel   mogelijk   lawaai   te   maken   en   ook   hun gebroed crost er rond als een bende wilden. Onze baeckoffe smaakt er niet minder door, ook de munsterkaas en de myrtillentaart niet. Zondag   13   juli:   Rond   zeven   uur   zijn   de   brommers   wakker   en   al   de   rest   dus   ook.   Rond   half   acht   gaan   we   terug   ontbijten   zodat   we   om   half   negen   richting   Le Markstein   aan   het   rijden   zijn.   De   mist   is   terug   alomtegenwoordig   en   daar   dit   ook   voor   ons   nieuw   terrein   is   rijden   we   vrij   defensief.   Als   we   op   bestemming   zijn kunnen   we   onze   ogen   niet   geloven:   een   oceaan   van   campers   overspoelt   de   heuveltop,   dit   wordt   pure   chaos   binnen   enkele   uurtjes.   Vandaag   gaan   we   toch eerst   een   fikse   wandeling   maken   en   met   deze   mist   ben   ik   blij   dat   ik   vorige   week   een   gps   gekocht   heb,   je   weet   maar   nooit.   We   vertrekken   over   de   crete   terug richting   Hohneck   en   bereiken   via   Le   Breitfirst   de   col   d'Hahnenbrunnen   waar   we   rechtaf   slaan.   We   bereiken   Lauschenkopf   en   slaan   terug   linkaf   richting   Le Nonselkopf   waar   we   even   verder   terug   rechtsaf   slaan   tot   aan   de   col   d'Oberlauchen. Als   we   door   het   veen   van   Oberlauchen   afdalen   staan   we   plots   oog   in   oog met   een   ree.   Tot   onze   verbazing   stormt   deze   niet   weg   maar   blijft   rustig   grazen.   Jeannique   neemt   de   proef   op   de   som   en   wandelt   er   rustig   heen.   De   ree   komt zelf   ook   een   weinig   dichter   en   Jeannique   kan   zelfs   even   de   neus   aanraken,   dan   wandelt   het   dier   rustig   weg   om   verder   te   grazen.   We   zijn   compleet   met verwondering   geslagen   en   Jeannique   haar   reis   kan   nu   echt   niet   meer   stuk. Aangekomen   bij   het   lac   de   la   Lauch   steken   we   de   dijk   over   en   beginnen   aan   de   klim richting   Le   Markstein   tot   we   op   de   straat   uitkomen,   hier   gaan   we   naar   de   tour   kijken.   Vandaag   veel   minder   volk   hier   halverwege   de   klim,   twee   kilometer verderop   heerst   absolute   chaos,   daar   willen   we   echt   niet   tussen   staan.   Raar   maar   waar,   het   is   nu   al   de   ganse   droog   en   vijf   minuten   voor   de   renners voorbijkomen   begint   het   te   stortregenen   om   vlak   erna   terug   op   te   houden.   Tony   Martin   komt   alleen   voorbij   en   zal   ook   alleen   in   Mulhouse   aankomen. Als   we   na de   doorkomst   van   de   renners   boven   komen   is   er   een   warboel   van   jewelste.   Eens   aan   de   wagen   schuiven   we   direct   mee   aan   in   de   rij   maar   na   200   meter   staan we   stil   om   pas   na   35   minuten   terug   een   meter   verder   te   geraken.   Dan   gaat   het   nog   een   kleine   kilometer   stapvoets   om   uiteindelijk   terug   iets   of   wat   te   rijden.   Het is   al   half   zeven   als   we   aan   onze   auberge   zijn   en   na   een   vlugge   douche   zijn   we   weeral   voortreffelijk   aan   het   genieten   van   lokale   specialiteiten.   Na   dessert   en koffie sluiten we onze laatste avond af met een ijskoude jagermeister. Maandag 14 juli: Vandaag staan we wat later op en na het ontbijt trekken we richting Gerardmer om in de spiksplinternieuwe Super Marché enkele lokale specialiteiten aan te schaffen. Veel zin om te wandelen hebben we niet meer, ook al omdat het vandaag een “rode” dag is op de Franse wegen. Toch rijden we voldaan huiswaarts, we hebben een nieuwe stek gevonden op een ideale locatie met producten van de streek en we hebben goed gewandeld en genoten van de ronde. Meer moet dat niet zijn. Het verkeer valt uiteindelijk mee en we zijn zelfs op tijd thuis om op la plache des belles filles  Nibali de rit en de tour te zien winnen.
Vogezen augustus 2014 met vader Zaterdag 23 augustus: 20 na 5 en we zijn op weg richting route des Cretes. Na een ontbijt en tankbeurt in Luxemburg rijden we rond 10 uur de col de la Schlucht op om vervolgens rechts af te slaan naar auberge au pied du Hohneck. De kamer is nog niet klaar zodat we na een koffie doorrijden naar de col du Bramont waar one wandeling zal starten. Even voor de middag vertrekken we richting de abri van col de L’Etang. Nu en dan valt er een druppel regen maar een jas aandoen is niet nodig. Het pad is vrij breed en klimt gestaag naar de col. In de abri zijn een aantal franse  would be’s vuurtje aan het stoken ook al is het nog ruim 17-18 graden. Wij besluiten dan maar te lunchen in open lucht, is veel gezonder dan in de rook en het regent toch niet. Na een lange pauze wandelen we terug langs de onderzijde van de heuvel richtin wagen. Daar het nog vrij vroeg is maken we nog een ommetoertje richting La Bresse. Daar aangekomen begint het water te gieten, gelukkig staan we vlak bij de locale café/patisserie waar we dan ook binnen duiken. Na de bui doen we nog wat boodschappen en rijden dan terug naar de auberge. Na een verkwikkende douche zijn we klaar voor het avondmaal en ja, het is choucroute garni, zelfs mijn vader die nooit zuurkool eet vindt het overheerlijk. Met een goed gevoel en een volle maag duiken we ons bed in. Zondag 24 augustus: Niet alleen het avondmaal is meer dan ok, ook het ontbijt in deze auberge is overheerlijk. Zelf gebakken brood zoveel je maar wil met een assortiment van zelfgemaakte confituren en een groot stuk Munster kaas. Vandaag gaan we naar Markstein, de plaats waar mijn vader en moeder op huwelijksreis gingen en waar hij koste wat het koste nog eens naartoe wilde. We rijden voorbij Markstein en dalen af naar Lac de la lauch waar we de wagen parkeren zodat mijn vader het moeilijkste gedeelte direct tussen de kiezen krijgt en voor de rest van de dag enkel vals plat of bergaf heeft. Die 300 meter klimmen heeft hij er op zijn 83 na een  dik uur  opzitten en dat wordt beloond met koffie en taart in Markstein. Daarna lopen we een gans stuk op de crete richting col d’Haenenbrunnen en halverwege komen we terug het reetje tegen dat we vorige maand ook al zagen. Het diertje is gewend aan de wandelaars maar verre van tam, getuige daarvan is een jonge knaap die het wil wrijven maar een ferme beet in zijn bovenarm krijgt. Het is de attractie van de omgeving geworden en het zou wat jammer zijn moest het in oktober bij de eerste jachtpartij koudweg afgemaakt worden. Waarschijnlijk denken de jagers daar echter anders over…  Aan de col d’Haenenbrunnen gaan we rechtsaf richting col d’Oberlauchen en ook deze onverharde weg loopt een beetje op en af maar is nooit lastig. Vanuit de laatste col gaat het dan steeds stijler bergaf om uiteindelijk  aan te komen bij de wagen. We hebben er een tocht opzitten van 13,6 Km en mijn vader heeft dat zeer goed verteerd, ik hoop dat ik dit binnen 31 jaar ook nog kan. Op de terugweg gaan we dit vieren met een fris wijntje in  auberge Firstmiss, een zeer gezellig eetcafé/boerderij vlak langs de route des Cretes. Terug au pied du Hohneck duiken we moe maar voldaan onder de douche en drinken een aperitiefje in afwachting van het avondmaal wat weeral een voltreffer is. De tartiflette smaakt overheerlijk na onze stevige tocht en ook de tarte au myrtilles en de jägermaister gaan goed binnen. Maandag 25 augustus: Na het ontbijt beklimmen we de Hohneck maar mijn vader heeft er duidelijk geen zin meer in, misschien was de tocht van gisteren toch meer dan zwaar genoeg. Hij blijft eens we op de crete zijn op een bankje zitten zodat Jeannique en ikzelf ons volledig kunnen uitleven met ons fototoestel. Tussen de Spitzkoepfe en de Hohneck krioelt het bij wijze van spreken van de gemzen die zich op de rotsen laten opwarmen door de ochtendzon. Na onze fotoshoot zakken we langzaam af naar de wagen en rijden dan naar Gerardmer om nog wat regionale lekkernijen te kopen. Rond het middaguur gaan we nog een hapje eten in de Flunch van Epinal maar dan is ons tochtje toch wel ten einde. Vier uur later staan we lekker in de file op de Brusselse ring en tegen half 6 zijn we aan het uitladen. Iedereen tevreden van dit kort intermezzo en toch wel een geruststelling dat mijn vader nog zo fit is op zijn 83. Op naar de volgende reis eind september richting mijn tweede thuis: Valle d’Aosta.