© AVONACU 2013
ICE
Een speciale pagina gewijd aan mijn grootste passie: ijsklimmen
Ijsklimmen februari 2012 in Cogne
Vrijdag 24/02:
In de voormiddag moet ik nog werken maar om half één zitten we in de wagen richting Pontarlier. Zowel de ring rond Brussel als omgeving Metz en
Nancy verlopen vlekkeloos zodat we nog tijd over hebben voor een kort intermezzo in de decathlon van Epinal. In Besançon is het wel zeer druk
zodat we voor één keer, en ook de eerste keer, de ring errond nemen. Dit valt eigenlijk best mee en om kwart na zeven rijden we de parking van het
Ibis hotel op. We kozen dit hotel omdat de formule 1 in dezelfde stad al volzet was en eigenlijk valt het best mee voor amper 25 Euro meer. We
kijken nog wat tv, doen nog een internetje, lezen nog wat maar om negen uur gaat letterlijk en figuurlijk het licht uit.
Zaterdag 25/2:
Om zes uur loopt de wekker af en een dik half uur later zijn we aan het rijden want het zal best druk zijn in Zwitserland. Eerst aan de grens nog een
nieuw vignet kopen bij de douane, hier betaal je trouwens geen meerprijs als je met visa betaalt. Het is zaterdag en dan gaan de Zwitsers met zijn
allen skiën. Op dit uur valt het nog best mee maar we zijn toch maar juist op tijd om geen file te hebben. Eens voorbij Martigny valt er bijna geen
wagen meer te bespeuren zodat we probleemloos Italië binnenrijden. En zoals gewoonlijk baden we direct in de volle zon, al was het weer in
Zwitserland ook verre van slecht. We parkeren de wagen op de parking van ons favoriete warenhuis, altijd is er daar plaats, en gaan dan een
wandelingetje maken door de binnenstad. We profiteren van de laatste solden op Italiaanse bodem en doen dan de nodige inkopen voor de
volgende vier dagen. Op het middaguur rijden we door richting Cogne en Lillaz waar we nog een paar uur gaan wandelen alvorens af te zakken
naar bar licone waar we Albino Savin zullen ontmoeten. Het weer is ronduit prachtig en zelfs in “frigo” Lillaz is het om 14 uur 13° C in de winterzon.
Gelukkig hebben we een lange koude periode achter de rug zodat de watervallen in super conditie zijn. In bar licone zegt Albino ons wat we al
verwachtten: er valt te klimmen maar enkel op watervallen die volledig naar het noorden gericht zijn. Er wordt gekozen voor “è tutto relativo”, een 4
tot 4+ in valeille en een excellente keuze nu de lawineschaal naar 1 is gezakt en het ook in Valeille overal veilig kan geklommen worden, zolang je
maar vroeg genoeg vertrekt en op tijd uit de zon bent. Voor dinsdag zien we wel, eerst kijken of mijn vingers nog tegen de kou kunnen na mijn
capriolen van vorig jaar. Om kwart over vijf stappen we albergo belvedere binnen en is het weerzien met Darma en Neva super hartelijk, dit is echt
een beetje onze tweede thuis, maar wat wil je, na XX keer. We installeren ons en na een verkwikkende douche zien we Sep Van Marcke Gent-Gent
winnen op sporza, aardig stukje sprintwerk. We nemen vlug nog even de nieuwsberichten door en gaan dan maar aanschuiven voor het avondeten
want gans het hotel is volzet en het restaurant barst uit zijn voegen. Zoals steeds is het eten superlekker en met een goed gevoel keren we naar
onze kamer om te gaan knorren.
Zondag 26/2:
Rond kwart voor negen gaan we ontbijten en het verwondert mij dat er nog cascatisti zitten, die zouden nu al een uur op het ijs moeten hangen,
zeker op zondag. We rijden door het met toeristen volgepropte Cogne naar Valnontey en ook daar staat de parking al overvol, vooral met
dagjestoeristen die profiteren van een zonnige zondag. Toch is het een stuk frisser dan gisteren want er is veel wind. Als we rond 11 uur sentiero dei
troll passeren zijn er toch een drietal cordées aan het klimmen en dit met de volle zon er op èn met positieve temperaturen, zot zijn doet duidelijk
geen zeer. Wanneer we een half uurtje later in de nabijheid van gran val vertoeven horen we een geroffel van jewelste en is deze waterval verleden
tijd, volledig ingestort. Gelukkig maar waren er hier geen klimmers aanwezig want anders hadden ze geen schijn van een kans. We eten onze
broodjes in Vermiana hopende de vos te zien maar tevergeefs, enkel een aantal steenbokken grazen hoog boven ons op de door de zon vrij
gemaakte flanken. Terug in Valnontey breien we nog een stuk aan onze wandeling en kiezen voor het pad naar rifugio Sella daar dit toch een
zekere garantie biedt om gemzen van nabij te kunnen fotograferen, en ja hoor…bij het terugkeren stappen we nog even binnen in bar licone en
rijden dan terug naar boven richting Gimillan waar we nog net een plaatsje kunnen versieren op de overvolle parking. En wij die dachten dat we nu
alleen zouden zijn, niet dus, het zijn drukke dagen bij Darma en bijna uitsluitend zijn de kamers gevuld met ijsklimmers uit Italië, Spanje, Frankrijk en
België. Het enige kleine minpuntje van ons verblijf is dat we op onze kamer onderaan geen internetverbinding kunnen versieren maar we zijn
flexibel en gaan dan maar met onze portable in de bar zitten om Cavendish Kuurne-Brussel-Kuurne te zien winnen…it’s a small world. Na het
avondeten duiken we ons bed in want morgenvroeg om half acht komt Albino mij oppikken.
Maandag 27/2:
Zoals elke maandag om twintig voor zeven uit ons bed voor het ontbijt en stipt om half acht zijn we onderweg naar Lillaz waar er al enkele klimmers
zich aan het klaarmaken zijn. Toch zijn wij als eersten, belangrijk op watervallen, aan de voet van è tutto relativo en hij ziet er prachtig uit. Toch is
het ijs “cassante” en niet zo gemakkelijk te beklimmen maar Albino is een voortreffelijk oude rot in dit vak. Tot mijn grote verbazing heb ik niet het
minste last van mijn vingers al speelt de temperatuur van -6° om half negen redelijk in mijn voordeel maar toch ik voel me als herboren en de eerste
twee lengtes gaan als vanzelf. Dan stopt onze tocht abrupt want de free standing is zo goed als onbeklimbaar, je slaat hem gewoon aan diggelen.
Jammer dat deze 9 à 10 meter onze pret moeten bederven. Geen probleem want we gaan onze armen gauw nog eens laten branden op de
chandelle de Lillaz, een 12 meter hoge pijler die we elk nog twee keer beklimmen. Genoeg voor vandaag en met een zalig gevoel keer ik terug
richting albergo belvedere waar Jeannique al van kwart voor tien ligt te zonnen op het terras. Na een hapje en een drankje liggen we nog wat te
luieren in de zon maar zo vlak tegen de muur is het voor ons toch wel wat warm en zoeken we de schaduw op. Daarna ga ik mijn attributen drogen
want de chandelle was, zoals bijna altijd ook een beetje een douche. Veel van de watervallen worden met deze hitte trouwens onbeklimbaar, zo is
de cascade de Lillaz bijna volledig verdwenen en zal het niet lang duren vooraleer alles wegsmelt. Ik ben blij dat ik met mijn nieuwe job zo snel kan
reageren op de weersomstandigheden.
Dinsdag 28/2:
Om half acht is Albino er terug om te gaan kijken of Veritgine di porcellana nog beklimbaar is. Eigenlijk denken we van niet want deze zit van negen
uur in de zon en zal wel al volledig wit zijn ipv mooi blauwig. We stijgen langs het vermoeiende sneeuwkanaal tot aan de voet en inderdaad, de
waterval is bijna volledig wit met errond een “korrelige” laag brokkelijs als de chocolade rond een magnum. Toch begint Albino aan de eerste
gemakkelijke lengte om te kijken of het te doen is of niet. Rechts en door het midden is zekeren zowat onmogelijk maar volledig links, waar er wat
meer schaduw is zit er een weliswaar steile 90° lijn die hij wel wil voorklimmen. Het valt mij op dat hij nogal traag klimt en elke slag met zijn bijlen
moet blijkbaar echt top zijn of hij probeert opnieuw. Het touw vordert en vordert om uit te komen op…30 cm overschot, dat wordt dus een lengte van
60 meter en wat voor één. Als ik de tien meter getraverseerd heb en onder de wand sta zie ik waarom Albino zo secuur klom. Dit is gewoon 90°
omhoog voor de volgende 50 meter, gelukkig is het ijs ideaal voor bijlen en stijgijzers, voor de ijsschroeven daarentegen is het een ware
nachtmerrie. Met de zon volop de wand en deze warmte is er zowat niets af te zekeren en van de zes schroeven die hij stak kan ik er twee gewoon
uit het ijs trekken. Mijn respect voor Albino groeit met de minuut bij elke meter die ik vorder, met zijn bijna 61 jaren is dit een echte topper op het ijs.
Ik voel mij al een stuk zekerder dan gisteren, het was mijn eerste stijl ijs dit seizoen, en vorder vrij snel door de eerste 40 meter. Vooraleer de laatste
10 meter aangevangen moeten worden is er een miniscule “trap” van 5 cm zodat ik de kuiten eventjes kan laten rusten. Die laatste 10 meter zijn
echt niet van de poes met zelfs een meter of 3 overhangend ijs wat ik nog nooit geklommen heb. Met een blij gezicht arriveer ik op de standplaats
bij Albino en ik krijg er een paar complimentjes bovenop voor de zekerheid en de snelheid waarmee ik klom. Dit doet echt goed na de twijfels die er
gerezen waren vorig jaar. Na mijn vervroren vingers op Rovenaud dacht ik echt dat ijsklimmen verleden tijd zou geweest zijn. Na twee stevige
rappels staan we terug in de sneeuwcouloir die we in een zinderende hitte afdalen. Met een goed gevoel keren we terug naar de wagen tot het
noodlot voor mij toeslaat. Op een ijsplek onder een boom schuif ik uit en val met mijn volle gewicht op mijn rechter enkel waar ik duidelijk een
“krakje” voel. Gelukkig zijn we op 150 meter van de parking en met behulp van Albino’s stokken geraak ik aan de wagen. Ik trek mijn bergschoen uit
en zie…niets aan mijn enkel, niet gezwollen, niet blauw, niets. Ik trek mijn schoen gauw terug aan want misschien is het wel door de stevigheid van
deze schoenen dat er geen zwelling optreedt. Na een frisse cola rijden we bij Darma en nemen hartelijk afscheid van Albino, een gemoedelijk man
waar je enorm veel kan van leren. Ik verkleed me en we laden de wagen om de terugreis aan te vatten. Na het afscheid van de belvedere crew
rijden we naar de gros cidac waar we een broodje eten en inkopen doen. Even na twee rijden we met spijt in ons hart richting Zwitserland en
Frankrijk. In tegenstelling tot kerstmis was dit echt een topreisje. Mijn pijnlijke enkel moet ik er dan maar bijnemen. In de omgeving van Pontarlier
verliezen we een uurtje door de avondspits maar uiteindelijk zijn we om zeven uur in Vesoul waar we overnachten.
Woensdag 29/2:
Na het ontbijt zijn we om half acht onderweg, de wegen zijn goed berijdbaar en er is weinig verkeer zodat we een vijftal uurtjes later afrit Aalst
nemen. Hopelijk geneest mijn enkel snel want de zin om naar de rotsen te gaan klimmen is er meer dan ooit.
Ijsklimmen december 2012 in Valsavarenche en Val di Rhemes
Donderdag 20 december: Om 15 uur staan mijn vader en ik Jeannique op te wachten aan haar werk. Met een gutsende regen als compagnon rijden
we richting Vesoul. Na het tanken in Luxemburg krijgen we er nog een flinke file richting Thionville bovenop zodat we uiteindelijk na meer dan 6 uur
aankomen op onze bestemming, meer dan een uur later dan normaal.
Vrijdag 21 december: We nemen om half zeven ontbijt in de Formule 1 en bij het vertrek rond zeven uur miezert het nog een beetje richting
Besançon. Van daaruit houdt het op en betert het weer gestaag. Als we voorbij Martigny de col de Grand-Saint-Bernard oprijden is het oppassen
geblazen want er ligt een weinig sneeuw op de baan. Niets om ons druk over te maken want geladen en met de winterbanden rijdt de wagen als
een trein naar boven, een Zwitserse trein dan, zeker geen Fyra van den Aldi. Eens door de pijp rijden we in de volle zon naar beneden richting
Aosta. We gaan iets eten in de stad en doen onze inkopen voor een paar dagen in de gros cidac. Dan zoeken we het spiksplinternieuwe B&B Gran
Paradiso van mijn goede vriend en berggids Corado Gontier, midden in de wijngaarden van Jovençan in het gehucht Pompiod op een steenworp
van het kasteel van Aymavilles. Drie mooie kamers met wifi en een volledig ingerichte keuken, neem daarbij de gastvrijheid en vriendelijkheid van
Corrado en zijn vrouw Carin en je hebt garantie voor een geslaagd verblijf. Meer info: http://www.bbgranparadiso.com We installeren ons en doen
dan nog een wandelingetje door de wijngaarden, meer moet dat niet zijn voor de eerste dag.
Zaterdag 22 december: Om half acht zijn Corrado en ikzelf onderweg naar Antares in Valsavarenche, een klassieke waterval met gradatie 4 en
sinds een paar jaar op mijn verlanglijstje. Het is niet echt koud en als we aankomen op de parking nabij Pont is het amper -4°. Na 20 minuten
sneeuwploegen staan we aan de basis van de waterval die er in topconditie bijligt. De eerste lengte is vrij makkelijk, de tweede al een heel stuk
intensiever en toch wel een dikke 45 meter hoog. De derde lengte heeft een vrij spectaculaire instap maar eens je in de route zit is het ijs zalig om
te klimmen, steil maar in zeer goede conditie. Rond de middag zijn we terug aan de wagen en gaan we iets drinken in Degioz, dan gaat het gestaag
terug naar ons verblijf. In de namiddag maak ik met mijn vader nog een wandeling in de omging van de B&B. ‘s Avonds smaakt het eten prima:
tortellini met vleessaus en gebakken salsici. Als dessert gaat ook de pannacotta goed binnen.
Zondag 23 december: Terug om half acht op weg, nu richting Glacier boven Ollomont waar we naar Gomorra willen gaan maar twee zaken houden
ons tegen: het is 10° om 8 uur met een groot gevaar voor lawines en alles moet nog meer dan kniehoog gespoord worden. Ontgoocheld gaan we
een koffie drinken in Ollomont. Wat een opdoffer na het succes van gisteren. Corrado belt Ezio Marlier op en deze raadt ons aan naar Val di
Rhemes te gaan waar we de keuze hebben tussen cascata di Entrelor (3) en Sogno Realizzato (4+tot 5). In deze vallei is het “amper” 2° en dus nog
doenbaar om te klimmen. Na 40 minuten staan we aan de basis voor beide watervallen. Ikzelf mag kiezen en ik opteer voor Sogno, die wat korter is
maar stukken moeilijker. Als Corrado halverwege de eerste lengte is krijg ik een nieuwe opdoffer te verwerken: hij kan door de warmte amper
afzekeren en wil het naar de eerste lengte voor bekeken houden. Gelukkig betert het ijs naarmate we hoger vorderen en komt hij op zijn beslissing
terug. L2 is toch niet van de poes en na een aartsmoeilijke instap volgt 30 meter douche van ijswater maar het ijs zelf is fantastisch goed. Met
brandende armen maar meer dan voldaan kom ik aan op de relais en ook Corrado ziet er best tevreden uit. Dan volgt er een rappel in het ijle van
52-53 meter, iets wat ik helemaal niet leuk vind met al dat materiaal op mijn lijf en ik ben dus wat blij als mijn beide voeten terug op de grond staan.
We gaan iets eten in een nabijgelegen restaurant en keren dan terug naar Pompiod. Mijn vakantie kan helemaal niet meer stuk. Jeannique is
vandaag gaan wandelen met mijn vader zodat we ‘s avonds meer dan trek hebben in de risotto met funghi en pollo a la spieda.
Maandag 24 december: We slapen eens wat langer uit en gaan dan naar de cidac om ons eten vaar kerstavond aan te schaffen. Het wordt een
bodje met lokale cruditeiten gevolgd door tagliatelli in de room met scampi en look. Als nagerecht zijn er traditionele koekjes met koffie. Na het
vullen van de ijskast bij Corrado gaan we wandelen naar Cogne. Na een korte tocht door het stadje is onze volgende obligate stop bar licone, het
mekka voor de ijsklimmers. Ik vul het gastenboek in en we eten een lekkere pizza. Daarna gaan we wandelen in het idyllische Valnonty waar er een
massa sneeuw ligt maar het wandelpad is mooi aangelegd dus geen enkel probleem. Als we in Valmiana aankomen wordt het al een stuk kouder en
maken we rechtsomkeer. Als we ’s avonds aan het eten zijn komen Corrado en Carin er bij zitten en drinken we samen een glaasje champagne op
ons voortreffelijk verblijf. Zij hebben typische hapjes uit de streek mee. Dit is echt genieten.
Dinsdag 25 december: Het afscheid met onze Italiaanse vrienden is hartelijk en gemeend, hopelijk kunnen we binnen de kortste keren nog eens
terug komen. Om negen uur rijden we door Aosta richting Zwitserland. Er is weinig verkeer en we vorderen vrij goed zodat we na minder dan 4 uur
al in Vesoul zijn waar ik ga tanken. Dan rijden we in één keer door naar de carestel van Wanlin waar we stoppen om te eten. Onderweg hadden we
enkel in de ruime omgeving van de Vogezen hondenweer met hevige stortregens. Ook in België regent het maar dat zijn we ondertussen gewoon
op onze reizen van en naar de bergen. Kwart na zes staat mijn vader voor de deur van zijn appartement, een tiental minuten later is ook onze
wintertrip ten einde. Met een goed gevoel en de smaak naar meer lossen we de wagen.
Ijsklimmen Aosta Februari 2013
Donderdag 7 februari:
Rond de middag vertrekken we richting Pontarlier. We, dat zijn Jeannique, Erik en ikzelf. Het is de bedoeling dat Erik en ik 4 dagen gaan ijsklimmen
en dat Jeannique enkele rustige dagen heeft en van de winterzon geniet. Ondanks de voorspellingen voor slecht weer rijdt alles zeer vlot tot
besançon, als we echter aan de klim beginnen voor de laatste 50 km naar Pontarlier zitten we in een heuse sneeuwstorm waardoor de gemiddelde
snelheid zakt naar 50 km/H en minder. Aangekomen in Pontarlier gaan we eerst eten in de Hyper-U een stukje eten en daarna zoeken we onze
kamer op in het Formule 1 hotel. Als we gaan slapen is het nog steeds aan het sneeuwen.
Vrijdag 8 februari:
Om half zeven zitten we aan de ontbijttafel en een half uurtje later zijn we onderweg. De sneeuw valt nogal mee al is het opletten geblazen maar op
hier en daar een vlokje na houdt het op. In Zwitserland zijn de wegen prima op het stuk naar de grand Saint-Bernard tunnel na. Hier is het ploeteren
geblazen op de sneeuw van vorige nacht, gelukkig houdt het nu op al is het nog zwaar bewolkt. Vrachtwagens moeten ook nog wachten tot het
wegdek terug volledig vrij is. Eens door de “pijp” is er van al deze miserie op de weg niets meer te bespeuren en rijden we onder een stralende zon
naar beneden richting Aosta. In de gros cidac gaan we een broodje eten en vervolgens rijden we naar de B & B van Corrado. Zoals steeds is het
onthaal meer dan hartelijk maar we hebben niet veel tijd om te socializen, dit doen we vanavond wel, want Erik en ikzelf willen nog naar cascata di
chevril, een waterval op een boogscheut van Pompiod. Twintig minuutjes later staan we op het ijs. Ik neem het voorklimmen voor mijn rekening
want het is al een poosje geleden dat Erik waterval ijs gezien heeft. Het ijs is vrij dun en moeilijk af te zekeren maar nergens is het echt stijl en hier
en daar kan je een zekering plaatsen aan een boompje wat het klimmen direct een stuk veiliger maakt. Het laatste stuk is zowaar enkele meters
drytooling maar ook dit brengen we er zonder kleerscheuren vanaf. We ruimen ons materiaal op en te voet keren we langs een zeer mooi paadje
terug naar de wagen. Met een goed gevoel voor de komende dagen rijden we terug richting B & B. In de late namiddag gaan we dan terug naar de
gros cidac om onze etenswaren te kopen voor de komende dagen. ‘s Avonds genieten we van een lekkere kip aan het spit met verse sla vergezeld
van een degelijk rood wijntje. Meer moet dat niet zijn.
Zaterdag 9 februari:
Corrado heeft ons ontbijt klaargemaakt en is dan vertrokken met een klant naar Val di Gressoney. Erik en ikzelf gaan vandaag naar Val di Rhemes
om de cascata di Entrelor te beklimmen. Het is berenkoud en als we boven Rhemes Notre Dames de wagen parkeren geeft de thermometer -
17,5°C. Dat belooft want we moeten nu nog een dik half uur omhoog naar de waterval. Er zijn amper een paar klimmers onderweg ondanks het
goede spoor, de crisis laat zich in Italië toch wel degelijk voelen. Als we aan de basis van de waterval aankomen ligt ook Sogno Realizzato er nog
steeds majestueus bij en ik ben wat blij dat ik hem met kerstmis kon beklimmen. We maken ons klaar en ik begin aan de eerste lange lengte. He
klimmen gaat vrij vlot maar ik heb nog steeds de (bezwete) handschoenen aan waarmee ik de aanlooproute deed waardoor mijn handen vrij koud
krijgen. Daardoor zit de schrik er toch wel een beetje in want met bevroren vingers heb ik het toch wel een beetje gehad. Het ijs is ook vrij bros en
als Erik mij vergezelt op het relais houden we de klim voor bekeken. Eens terug beneden gaan we ons verwarmen in het prachtige bar/restaurant
aan de bosrand in Chaudanne. Als we terug in Pompiod aankomen pikken we Jeannique op en kuieren we nog wat door Aosta, genietend van het
winterzonnetje.
Zondag 10 februari:
Vandaag dus terug naar Entrelor en van verwarming is er duidelijk geen sprake want het is nu -18° C op de parking. Toch ben ik er beter op
gekleed dan gisteren zodat er van koude vingers geen sprake is. Mijn vertrouwen groeit met de dag en zonder problemen klim ik beide lengtes uit.
Na de klim maken we nog een wandelingetje door het fantastisch decor wat Val di Rhemes toch is. Het is ook nog steeds stralend weer waardoor
de bijtende kou veel minder opvalt. ’s Avonds tovert Jeannique ons een overheerlijke maaltijd met Italiaans tinten: risotto met boschampignons en
gebakken worstjes.
Maandag 11 februari:
De weergoden zijn ons vandaag slecht gezind want sinds deze nacht is het aan het sneeuwen. Desalniettemin rijden we na het ontbijt richting Lillaz
want E tutto relativo staat op het programma. Eens op de parking van de camping schiet Corrado als een speer richting waterval om de 4 fransen
die net voor ons vertrokken voorbij te steken. Zijn kennis van het terrein haalt het van de aarzelende youngsters zodat we als eerste kunnen
beginnen. De eerste twee lengten klimt Corrado in één keer uit en wij volgen hem simultaan. Dan komt de sleutelpassage door het loodrechte
gordijn maar ook dat verteren we met gemak. De laatste lengte is een breed couloir en dan gaat het te voet steil naar beneden richting wandelpad.
Daar ontdoen we ons van alle materiaal en begeven ons voorzichtig, ik weet wat het is om in deze omgeving te crashen, richting wagen. We gaan
nog wat drinken in de kleine bar van Lillaz maar dan zit onze klimvakantie er genadeloos op. Corrado ploetert door de sneeuw terug naar huis en
wij pikken Jeannique op en laden de wagen. Daarna gaat het richting gros cidac voor onze obligatoire aankopen voor thuis. We eten er nog een
broodje en rijden dan richting Besançon waar we zullen overnachten. Eens aan de Franse grens net voor Pontarlier wordt de baan omgetoverd in
een skipiste en met een slakkengang rijden we verder. In de hyper U van Pontarlier nemen we ons avondmaal en dan dalen we voorzichtig af naar
Besançon. Vanaf 10 Km voor ons doel stopt het met sneeuwen maar regent het pijpenstelen en we zijn wat blij als we aan de balie van het hotel
staan. Erik neemt een kamer voor hem zelf apart, een kwestie dat iedereen eens lekker kan slapen want in een kamer met drie is er toch wel nu en
dan ongewild lawaai.(lees gesnurk) Het duurt niet lang of we zijn met zijn allen in droomland.
Dinsdag 12 februari:
Als we na het ontbijt vertrekken is het gestopt met sneeuwen. We kunnen dus met vrij degelijk weer naar huis rijden. Enkel de wagen heeft een
wintertrekje: blijkbaar is de temperatuursonde stuk waardoor hij automatisch -40°C meet en dus alle openingen dicht houdt. Met de gesmolten
sneeuw van onze voeten in de tapijten is er echter veel waterdamp in de wagen en dampen de ruiten constant aan. Bij -10°C rijden we dan maar
met de ramen op een kier om toch enig zicht te hebben. In de Ardennen stoppen we nog eens om een hapje te eten en anderhalf uur later zit onze
trip er op. Het ijsklimseizoen zal voor ons alvast nu wel voorbij zijn. Zelf ben ik zeer tevreden over seizoen 12-13:
Antares 4
Sogno Realizzato 4+/5
Chevril 2+/3
Entrelor 3
E Tutto Relativo 4
Ijsklimmen Aosta December 2013
Vrijdag 20/12: Het is 11.30 uur en we rijden de snelweg op richting Pontarlier. De wegen zijn vlot berijdbaar en enkel in Besançon verliezen we een
half uurtje met de avondspits. De laatste kilometers rijden we alsnog in de regen maar als we rond 20 uur de hyper U buitenstappen houdt het terug
op. We overnachten in de F1 zoals al zo vele keren.
Zaterdag 21/12: We staan om 6 uur op en een half uurtje later rijden we richting grens met Ch in Orbe. Het weer valt terug meer dan mee en er is
weinig te merken van een eventuele winter. Bijvoorbeeld in Metabief, één der belangrijkste skistations van de Jura liggen de pistes er groen bij in
plaats van maagdelijk wit. Rond 9 uur ontbijten we in de cafetaria van de Gros-Cidac om daarna te gaan rondkuieren in Aosta. Dat kuieren wordt al
gauw zwaar shoppen maat toch zijn we rond 14 uur in Pompiod bij Karen en Corrado. We krijgen onze kamer toegewezen en maken dan nog een
wandeling in de namiddagzon door de wijngaarden. De broodjes smaken dan ook heerlijk met een glaasje wijn. Ik maak kennis met mijn klimpartner
voor morgen, Massimo, een dierenarts uit de omgeving van Milaan. Ik denk dat het zal klikken, we hebben er beiden een goed gevoel bij.
Zondag 22/12: We ontbijten allemaal samen om half 8 en rijden dan richting Glacier, het laatste gehucht voorbij Ollomont. Er ligt een kleine 20 cm
sneeuw wat weinig is en we vorderen dus vrij snel naar de watervallen die we voor ons uit zien. We kiezen voor Oratorio, de verste van de
overweldigende ijsmassa’s. De andere zullen voor na nieuwjaar zijn als ik hier terug ben met Hans. Ht klimmen gaat vrij goed al is het de eerste van
het seizoen en de “Rage” bijlen van edelrid voelen ver van slecht aan, ook al is het de eerste keer dat ik met dergelijk technisch spul uitpak. Corrado
is er minder enthousiast over, klimt liever met een rechter type bijl type Quark. Met een goed gevoel komen we terug aan de wagen en nemen nog
een kijkje in de klimzaal van Ollomont waar Grivel een nieuw soort drytool-grepen uittest speciaal voor het indoor gebeuren. Ik begin al te hopen dat
deze materialen ook hun weg naar de klimzaal van Aalst vinden, zou de max zijn. We gaan nog een toast eten in de plaatselijke bar en nemen dan
afscheid van Massimo, die heeft zich danig geamuseerd dat hij me een lekkere fles wijn cadeau doet, aan gemoedelijke sfeer geen gebrek. Het is
zeer snel avond en na ons diner zitten we redelijk snel in bed.
Maandag 23/12: Vandaag gaat het richting Pont waar een nieuwe waterval( ja, dat bestaat) te beklimmen valt en dat op 25 minuten van de parking.
De naam is Arbre Magique en zou een dikke 4+ zijn. Als we er aankomen zijn er net 2 gidsen begonnen aan L1 en even na ons komen er nog 2 aspi’s
ons vervoegen. Ik ben vandaag dus de enige niet gids die een poging zal wagen…Het loopt echter niet van een leien dakje wat halverwege de eerste
pijler geraakt gids 1 er niet door en maakt rechtsomkeer. Zijn collega, Nicolas Meli, een vrij gerenommeerd alpinist en ijsklimmer met enkel
eerstbeklimmingen in de Khumbu op zijn naam neemt over en geraakt via een vrij spectaculaire traversée naar een andere pijler toch boven. Zijn
verdict is echter onrustwekkend: beide pijlers zijn los van de wand, waarschijnlijk door de warmte van gisteren. Einde verhaal dus tenzij je kost wat
kost snel wil sterven. Een beetje met tegenzin gaan we naar de cascata di Pont, ook een dikke 4 tot 4+ maar toch met minder uitstraling dan onze
magische boom. Toch klimmen we een prachtige route maar houden het dan voor bekeken want de zon en het smelten van de ijspegels tot gevolg
maakt deze plek toch wel vrij gevaarlijk om er nog langer te blijven. Toch kan ik terugblikken op twee leuke ervaringen meer en op stijl ijs een zeer
goed gevoel met de nieuwe ijsbijlen op minder stijl ijs zijn de quarks dan weer aan de orde. Kort na de middag landen we in l’abro de la leuna, HET
café van Valsavarenche en the place to be voor een lekker broodje met mochetta en gorgonzola. En of het smaakt. Ondertussen heeft Jeannique al
bergen werk verzet aan onze Mustang-voorstelling en als ik terug in de B & B ben toont ze wat al is en nog moet komen, vrij indrukwekkend. Na het
avondeten beginnen we één en ander al in te pakken want morgen beginnen we sowieso aan onze terugtocht en met een beetje geluk genieten we
nog van het mooie weervenster van 4 dagen, voor woensdag verwachten ze ook hier felle wind en bakken sneeuw.
Dinsdag 24/12: De lucht zit potdicht en dus besluiten we om niet meer te gaan wandelen naar Cogne maar nog wat rond te kuieren in Aosta, het is
dinsdag en dus ook marktdag wat ook al eens een ervaring is. Kort na de middag doen we onze definitieve inkopen in het grootwarenhuis, altijd leuk
om wat Italiaanse etenswaren mee huiswaarts te nemen, maar dan rijden we door naar het Ibis hotel in Pontarlier. Het is kerstdagavond en dus
kiezen we toch wel voor de gezelligheid van Ibis boven de prijs van F1. Voor kerstavond staan er lekkere hapjes en prosecco op het menu, en of het
smaakt!
Woensdag 25/12: De wind loeit over de hoogvlakte van Pontarlier en het regent pijpenstelen, zo hard zelfs dat je mekaar nauwelijks verstaan in de
wagen en dat zal blijven duren tot voorbij Epinal. Ook in de Vogezen is het dus geen weer om een hond door te laten, laat staan ons tweetjes.
Gelukkig is er zo goed als geen verkeer op de wegen en vorderen we alsnog zeer goed zodat we op de middag al getankt hebben in Luxemburg waar
de benzine een halve euro goedkoper is dan in Italië, een verschil dat kan tellen. Rond half 3 staan we netjes geparkeerd voor ons appartement in
Aalst. Het is nu aftellen voor de tweede ijsklimsessie begin Januari met Hans.
Ollomont en Valsa 01/2014
Vrijdag 3 januari 13.30: We hebben de nieuwjaarsreceptie van het werk verlaten om te lunchen met Jeannique en nu zit ik net in de wagen met Hans
om te vertrekken richting Jovençan in Valle d’Aosta. Het is de tweede keer dat ik vertrek richting ijs in minder dan 2 weken, en of ik er zin in heb. Na
een korte tankbeurt in Luxemburg rijden we zonder verpinken richting Aosta en in een dikke 9 uur staan we re ook. Even voor 23 uur zijn we al op
onze kamer van B&B Gran Paradiso en kunnen we gaan pitten.
Zaterdag 4 januari: We zijn om 7 uur opgestaan en om 7.30 uur heeft Corrado voor ontbijt gezorgd zodat we voor 8 uur al onderweg zijn richting
Glacier boven Ollomont. Op de parking staan al enkele wagens maar als we aankomen bij Gomorra, een waterval van 170 meter III/4, zijn we nog
alleen. De eerste lengte is een kleine 60 meter ijsmuur tot op een plateau, dan volgt een grote goulotte van 60°. Aan de rechtse uitklim, de langste
en de zwaarste maken we een stand aan een boom en Hans begint aan de laatste loodjes, een vrij steile muur van 30-35 meter die uitmondt in de
bomen waar bij één ervan een kabel is rondgespannen, een pracht van rappelstand. Terug beneden rijden we naar Ollomont om in het plaatselijk
cafeetje een lekkere toast te eten. Dan gaat het richting Gros Cidac waar we wat voeding en drank aanschaffen voor de komende dagen. Rond 19
uur gaan we Pizza eten in pizzeria Avalon op een boogscheut van de B&B.
Zondag 5 Januari: Ik voel mij mottig, heb een snotvalling en ik zweet mij rot waarschijnlijk heb ik wat koorts. Toch trekken we terug naar Ollomont, dit
keer naar Pat & Gab, een III/5 van 170 meter en dit keer moeten we wachten tot een koppeltje door L1 is zodat we maar rond 11.30 uur kunnen
aanvangen. Als we starten ben ik dan ook versteven van de kou en klim ik als een 100-jarige. L2 en L3 klimt Hans in één keer maar bij mijn
naklimmen gaat het mis. Een 5 klimmen is echt mijn limiet en met mijn huidige toestand is het onbegonnen werk. Na een meter of 6-7 in de pijler
vlieg ik er dan ook uit en tot overmaat van ramp zitten mijn ijsbijlen hoog en droog boven mij. Einde beklimming dus want na een klein half uurtje
heeft Hans het door dat ik niet meer boven geraak en laat mij de laatste meter zakken zodat ik terug op de stand geraak. Ik voel er mij helemaal niet
goed bij maar uiteindelijk is er toch ook niets gebeurd. Morgen beter.
Maandag 6 Januari: Terug koorts gehad deze nacht maar ik wil zeker klimmen. We gaan naar Valsavarenche om er Antares te klimmen, een II/4 van
110 meter. Het ijs is super en de uitklim uit het grotje na L2 is spectaculair maar O zo plezant. Even na de middag zitten we al een broodje te eten in
L’Abro de la leuna, de hipste keet van de vallei. We maken van de kortere beklimming gebruik om onze definitieve inkopen te gaan doen in de
Cidac, nadien gaan we nog een pizza eten.
Dinsdag 7 januari: Ik voel mij iets beter maar dring er bij Hans op aan dat hij Sodoma beklimt, een III/5 van 100 meter met een pijp van een dikke 25
meter loodrecht. Zelf klim ik de eerste lange lengte mee tot in de nis onder de pijp van waar ik hem zal zekeren. Wat klimt die man toch soepel en
zelfzeker op ijs, een plezier om naar te kijken. Op de relais doe ik ook een babbeltje met de twee aspi’s die ik een tiental dagen heb leren kennen bij
Arbre Magique. Eens naar beneden gerappeld stappen we op ons gemak naar de wagen en gaan we een laatste toast eten in het dorp. Dan gaat
het onverbiddelijk richting Belgenland zodat we rond 22 uur terug bij Jeannique zijn in Aalst, al heb ik haar elke dag gezien via skype. De ijsklimtrip
met Hans was prachtig en zeker leerrijk, hopelijk kunnen we volgende keer Erik overtuigen om mee te gaan.
Cogne februari 2014
Woendag 26/02: Kwart na elf en mijn dagtaak zit er op, althans op het werk want ik heb nog een ganse klus voor de boeg. We beginnen
met het ophalen van Jeannique aan het ASZ om vervolgens naar Haaltert te rijden want daar staat Erik op ons te wachten. Rond kwart
voor twaalf zijn we uiteindelijk op weg richting Pontarlier, onze eerste slaapplaats. In de Ardennen stropt het verkeer nu en dan maar al bij
al valt het nogal mee. Na een obligate tankbeurt in Luxemburg rijden we verder richting Vogezen, Van even voorbij Metz begint het te
regenen en het betert echt niet naarmate we vorderen in die mate dat we een korte stop inlassen in de Vogezen om even uit te rusten. Als
we de parking van de Super U in Pontarlier oprijden om een hapje te eten regent het nog steeds, hopelijk hebben de weergoden gelijk
want ze voorspellen voor morgen stralend weer.
Donderdag 27/02: We zijn al vroeg uit de veren en rijden door tot in Martigny waar we tanken en ontbijten. Dan rijden we richting tunnel en
er zijn geen vrachtwagens op de weg, verboden door de sneeuw die hoger op nog ligt. Dit wordt een eerste test voor mijn Finse Nokian
sneeuwbanden en ze doorstaan de test met glans, meer zelfs, wat een verschil mat mijn vorige good years. De 118i rijdt precies op rails
ondanks de 35 Pk meer dan de vorige 118d. We rijden direct naar albergo Belvedere en zoals steeds is Darma meer dan tevreden ons te
zien. We krijgen onze kamers en een weinig later zijn Erik en ikzelf terug weg richting watervallen. Vandaag staat Loye op het programma,
een kortere waterval van 60 meter want het is al bijna middag als we aan onze stijgijzers aanbinden. Het ijs is glashard en versplintert
steeds opnieuw bij elke slag. Na een korte lengte houden we het voor bekeken want ook de reis zit nog in het lichaam. Toch zijn we niet
geheel ontevreden want we zijn sowieso vertrokken en hebben er ook een prachtige wandeling opzitten. In de late namiddag zijn we terug
in Gimillan en drinken we een aperitiefje. Het avondeten is nog steeds hetzelfde in albergo Belvedere: overheerlijk en veel te veel.
Vrijdag 28/02: Het heeft vannacht een beetje gesneeuwd, net genoeg om te zien dat we onze eerste lopen richting Patri, de klassieker van
Valnontey. Vandaag is het ijs super en met veel goesting ga ik het ijs op. Het gaat super maar dit in tegenstelling tot Erik die zich veel
zekerder voelt op rots. Dit wordt waarschijnlijk zijn laatste waterval. Tegen de middag zijn we bijna terug in het gehucht als we Jeannique
tegen het lijf aanlopen. Die heeft van het stralende weertje gebruik gemaakt om te voet van Gimillan naar hier te stappen. We eten een
hapje in La Clicca en trekken dan terug de vallei in om nog wat foto's te nemen. Daarna doen we nog een toertje in Cogne om redelijk moe
te landen in ons hotel. Een verkwikkende douche en een koude limoncello doen wonderen.*
Zaterdag 01/03: Een dag om zo snel mogelijk te vergeten: vannacht is het beginnen sneeuwen en dat zal het nog steeds doen als we om
20 uur dineren. Erik en ikzelf gaan er toch in wandelen maar langs de paden is er geen doorkomen aan. We rijlen dan de sneeuw tot bijna
heuphoogte voor de weg en gaan naar Cogne. Op de besneeuwde we zijn er in Montoz 2 vossen aan het spelen maar stuiven door de
sneeuw naar beneden als ze ons zien aankomen. In cogne drinken we een koffie en trekken dan terug naar boven. In de namiddag
gebruik in de licestream van procycling om naar de omloop het nieuwsblad te kijken. De personen die hier in gaan klimmen zijn knotsgek.
Hieronder het relaas van 2 Fransen die het toch probeerden:
Nous n'avions jamais vu autant d'avalanches en une seule journée...Dès le début de la marche d'approche, une grosse coulée est partie
au-dessus de la cascade des Trolls, et nous avons senti le souffle jusque sur le chemin.La suite de l'approche a été accompagnée tout le
long de coulées (que l'on ne voyait pas forcément, mais que l'on entendait bien), la plupart étant confinées aux pentes à droite du
chemin.Arrivé au pied de la cascade, une énorme coulée est partie du haut de celle-ci... Une cordée de trois italiens était déjà engagée, et
le premier de cordée a fait un gros vol à cause de l'avalanche; les points n'ont pas lâchés et il a donc été retenu par sa corde, mais il était
quand même bien groggy/choqué.Bref, voyant ca, tout le monde a fait demi-tour et ceux qui étaient déjà engagés ont rapidement tiré des
rappels pour redescendre (seul un couple de français et une seconde cordée avec un guide ont choisi de rester en argumentant sur le fait
que c'était la purge du matin et que ça ne risquait plus rien. Je ne remets pas en cause leur jugement, mais de notre côté ca nous semblait
beaucoup trop craignos).Bref, retour au parking, mais nous avons perdu pas mal de temps car le chemin avait été entre temps recouvert
complètement par deux autres coulées, dont une épaisse de 2m ! Nous avons appris par la suite que cette dernière coulée avait coffré un
espagnol et que ses copains avaient dû creuser en urgence pour le sortir de là.Et pour terminer cette journée un peu flippante, nous avons
dû attendre pour retourner à Cogne car la route était elle aussi recouverte par une coulée et les voitures ne pouvaient plus passer.
Zondag 02/03: Terug stralend weer maar als we naar Valnontey willen rijden is er geen doorkomen aan want de weg is nog afgesloten
wegens lawinegevaar. We parkeren de wagen in Cogne en gaan te voet verder. Net op het moment dat we aan de verbodstekens
aankomen zijn er de carabinieri die het hek wegnemen. We kunnen nu zonder vrees onze weg vervolgen maar houden het veilig door in
het midden van de vallei te wandelen want opnieuw komt de enen lawine na de andere naar beneden. De foto's zij wel van een
ongekende schoonheid met al di verse sneeuw onder een staalblauwe hemel. Na de middag gaan we iets eten in de Gros Cidac en doen
er daarna onze inkopen om mee te nemen naar België. Rond 15 uur zijn we op weg naar Besançon waar we deze nacht zullen slapen.
Onderweg in Zwitserland staan we regelmatig in de file wat er was een wereldbeker skiën in Crans Montana en daar komen steeds
duizenden toeschouwers op af. Toch zijn we rond half negen op onze bestemming.
Maandag 03/03: Om half acht zijn we na een matig ontbijt op weg naar België en opnieuw regent het pijpenstelen in Frankrijk. Gelukkig
houdt het op in Luxemburg en voor één keer is het zelfs zonnig in België, dat moet eigenlijk wel want het carnaval in Aalst. Even na de
middag zetten we Erik terug af in Haaltert en een weinig later zijn we aan het uitladen. Dit kunnen ze ons weeral niet meer afnemen.