AVONACU
© AVONACU 2013
India
India 2005 Wat voorafgaat: De kogel is door de kerk, Jeannique heeft haar bestemming gekozen en het wordt India met name een combinatie van Delhi, Agra en een zeer groot gedeelte Ladakh. Vliegtickets worden aangeschaft, de internationale met Gulf Air in Januari, de binnenvluchten met Jetairlines in april. Er worden contacten gelegd met trekkingbureau's in Leh en Hotels in Delhi en Leh worden aangeschreven. Onze keuze valt op Master Guest House in Delhi en Hotel Dreamland in Leh. Na veel wikken en wegen gaan we voor onze trekkings in zee met Travel Coörporation of Ladakh. Alles is dus in kannen en kruiken tot de dag voor we vertrekken: boven Aalst woedt en een hevig onweer met hagelstenen als kleine eieren en de Signum lijkt wel een golfbal. Het is al na 18.00H en garage noch verzekering kunnen gebeld worden. Daartegenover staat dat we de dag erna om 7.00H in Rijsel moeten zijn voor het nemen van de TGV naar Charles De Gaulle. Je kan stellen dat er aangenamer manieren zijn om je reis aan te vangen. De wagen wordt overhandigd aan de ouders van Jeannique en zij zullen er voor zorgen dat hij weer picobello is als we terugkeren wat ook gebeurde en waarvoor duizendmaal dank. Dag 1/30 juni: Rijsel-Parijs-Delhi Na een slapeloze nacht zijn we rond 6 uur al op weg naar Rijsel en om 8 uur stipt vertrekt de TGV zodat we 48 minuten later al op de luchthaven zijn. We moeten wel naar een andere terminal maar alles verloopt vlot en in een mum van tijd zijn we ontdaan van onze bagage. Met Gulf Air vliegen betekent blijkbaar tussenstops maken en met deze vlucht is dat in Bahrein en Muscat maar om 7.15H landen we veilig en wel in Delhi. Dag 2/1 Juli: Delhi Het is nu al bloedheet en we zijn blij als we ons naambordje zien in de handen van een taxichauffeur die ons naar het hotel brengt. Na een douche, eigenlijk totaal overbodig want na 3 minuten stroomt het water toch terug over je vel maar dan in de vorm van zweet, trekken we de stad in en boeken direct een citytour bij Ashok travels en tours welke zijn aangeprezen in menige reisgids. We bezichtigen oa Jantar Mantar, India Gate, het presidentieel paleis, The house of workship, Qutb Minar, Humayuns Thomb, het rode fort en Birla Mandir. Na al dit moois keren we moe maar voldaan terug naar onze kamer om na een hapje en een drankje ons bed op te zoeken. We zijn nu al ongeveer 48 uur ononderbroken wakker en morgen is het weer om 3.30H opstaan want we vliegen naar Leh. PS airco is zalig. Dag 3/2 Juli: Delhi-Leh oftewel.... We hebben de eerste vlucht geboekt van 5.40H en rond zes uur hangen we dan ook al in de lucht. Een klein uurtje later cirkelen we al boven Leh maar als we proberen te landen gaat het goed fout: net voor we de grond zouden raken trekt onze piloot alles terug omhoog wegens veel te veel ongunstige wind. Na een toertje of 6-7 houdt hij het voor bekeken; veel te gevaarlijk en we keren onverzaakt terug naar Delhi. Daar worden we ondergebracht in het poepsjieke Ashok hotel(*****), we vallen er echt niet op in T-shirt, trekkingbroek in C-schoenen, waar we mogen eten, drinken en slapen want morgen proberen we het opnieuw. Dus terug uit onzen tram om 3.30H voor het transfert naar de luchthaven. Uiteindelijk zal dat 6.00H worden want achter onze rug zijn alle commerciële groepen in de eerste vlucht geboekt en kunnen de individuelen enkel hopen dat de wind een paar uur langer uitblijft. Dag 4/3 Juli: Delhi-Leh tweede poging Daar er inderdaad terug wind is opgestoken boven Leh is het tot kwart na tien bang afwachten alvorens het vliegtuig opstijgt. Toch is het geluk vandaag eens aan onze zijde zodat we met een immense smak, chapeau voor onze piloot, de tarmak van Leh opvlammen. Aneyes, de manager van TC Ladakh staat ons netjes op te wachten en alles is tot in de puntjes geregeld zodat we verder geen tijd zullen verliezen: zoals gepland kunnen we morgen vertrekken richting Lamayuru. Tegenover Delhi is Leh echt een verademing: minder warm, minder druk en ook inwoners met een andere mentaliteit. Hierover later meer. Na intrek genomen te hebben in het Dreamland hotel nestelen we ons op een terras en genieten tot een stuk in de namiddag van lekkere masala-thee. Daarna nog een eerste verkenning van de stad, de wereld op de hoogte houden van onze capriolen via internet en eens lekker gaan eten in "Dreamland restaurant". Eindelijk kunnen we eens 8 uur na mekaar slapen. Dag 5/4 Juli: Leh-Lamayuru Op 9 uur zitten we al in de 4wd op weg naar Lamayuru. Het valt ons op dat de ganse vallei zowat één grote legerkazerne is, met Pakistan in de vrij dichte omgeving is dat natuurlijk niet raar.Als we vlakbij Nimmu een eerste pasje oversteken en we rijden boven de samenvloeiing van de Indus en de Zanskar is het toch even slikken. De weg is smal om te passeren en de afgrand duizelingwekkend diep. Toch is onze chauffeur vrij voorzichtig en kalm, de eerste sinds we hier zijn,en enkele kilometers verder stoppen we in Basgo voor de "morning tea". Anze volgende stop is Alchi, één van de belangrijkste kloosters van Ladakh en oa het zandtapijt is zeer impressionant. De laatste 20Km naar onze eindbestemming zijn zeer spectaculair. Het pad, eigenlijk de highway, slingert zich omhoog tegen de rotswand en meerdere keren nijpen we onze billen dicht want ook van de andere richting is er vrij veel verkeer en echt veel plaats op de weg is er niet. Aangekomen in Lamayuru maken we nader kennis met onze gids en kok, die vooraan in de 4wd zaten en die geen woord gezegd hebben. Blijkt dat het twee Nepalezen zijn, Sherpa's die hier gastarbeider spelen om in de zomer wat geld bij te verdienen vanwege het dood seizoen door de moesson in Nepal. Eigenlijk hadden we het al gedacht en ook verwacht want we konden ons niet voorstellen dat Indiërs deze taak voor zich zouden nemen. Als die meer dan 30M moeten stappen nemen ze de bus, vrachtwagen, fiets, tuktuk of taxi maar te voet: lekker niet! We hadden al een bang gevoel toen we een maand ervoor onze visa in orde lieten maken in België en ook bij connections hadden ze ons al enkele stoten verteld over Indiërs. De laatse dagen, vooral in Delhi, is onze mening enkel nog verstrekt. We bezoeken ook het klooster van Lamayuru, prachtig gelegen op een heuvelrug waarna we onze eerste, voortreffelijke maaltijd nuttigen. ( Nepalese koks hebben een reputatie hoog te houden) Daarna duiken we voor de eerste keer onze slaapzak in. Dag 6/5 Juli: Lamayuru-Wanla Morning tea, washing water, breakfast, allemaal gekende rituelen tijdens trekkings in Nepal en om 9.00H zijn we op pad. Na een kwartiertje zit de trek er bijna op als één van de paarden zich mistrapt en bijna 3 meter lager op zijn rug belandt. De allerte "horseman" gooit zich echter letterlijk tegen het dier dat terug in balans geraakt; eind goed, al goed. Enkel één vierde van onze eiervoorraad  dondert de rivierbedding in maar dit is een kleine tol die we moeten betalen. Indien dat paard was gevallen kan je er donder op zeggen dat Jeannique hier de tocht stopte, zeker weten. De 500M hoge klim over de Prinkiti La in de regen wordt goed verteerd en van daar is het dalen door een smalle geul in een soort maanlandschap. Plots kom je vanachter de zoveelste slinger die de geul maakt en ben je in Chilla, een groene oase in deze diversiteit van bruin en grijs. Nog een half uurtje verder arriveren we in Wanla, ook al een groene vlek met er bovenop een rode stip: het 1000 jaar oude klooster wat MOET bezocht worden, al is het maar voor de adembenemende vergezichten vanop het dak. Wanla heeft ook een paar shopjes waar je zowat alles kan kopen op sigaretten na, verboden door de monnikken. Wel vind ik er een tube secondenlijm waarmee ik mijn schoen repareer na een accidentje met een stuk staaldraad verankerd in de bodem. We maken er ook kennis met twee Colombiaanse vrouwen, moeder en dochter die dezelfde tocht zullen maken maar enkel een ezeldrijver ingehuurd hebben om de bagage te transporteren. Dag 7/6 Juli: Wanla-Hinju Tussen 4 en 6.30H heeft het terug geregend maar als we opstaan houdt het op. Rond half elf, we zijn dan een paar uur onderweg,  regent het echter terug en zal het de ganse dag niet meer ophouden. We zijn dan ook wat blij als we in Hinju door een ladakhi uitgenodigd worden in zijn huis om thee en chang te drinken.  Als we terug buitenkomen en in de gutsende regen onze tocht naar de kampplaats, een 3-tal Km verderop, verderzetten beginnen de eerste twijfels op te treden. Op de bergflanken, zowat 200 hoogtemeters boven ons, ligt namelijk al een sneeuwtapijt wat betekent dat we morgen als het weer het toelaat nog 1200M moeten stijgen waarvan zeker 1000 in de sneeuw. Lijkt ons onbegonnen werk met 4 paarden en twee paardenmannen op veredelde teensletsen. Met veel vragen duiken we onze dooreekte tent isn om er niet meet uit te komen. Ook de befaamde duffelbags vanTNF zijn wel oersterk maat bijlange niet waterdicht zodat bijna alles doorweekt is op een paar keren na die in plasticzakken zaten. Ook de ganse nacht blijft het water gieten. Dag 8/7 Juli: Hinju-.....Wanla Het regent nog steeds ononderbroken en je wordt er zowat radeloos van. Ook al willen we niet stoppen, we weten heel goed dat doorgaan totaal geen zin heeft mede doordat al die regen een paar honderd meter hoger allemaal sneeuw is. Ook de Nepalezen, al laten ze het amper blijken, weten dat dit hopeloos is en de tocht wordt afgeblazen. Als we de held willen uithangen zullen we dat wel doen zonder andere mensen en dieren in gevaar te brengen. Ook de tocht terug naar Wanla is niet zonder gevaar: de rivier waar we kortbij langs moeten is sterk gezwollen en op plaatsen amper nog te passeren zonder in het kolkende water te tuimelen. Maar ook langs de weg vliegen de vallende stenen ons letterlijk om de oren, ééntje mist maar op een haar na het hoofd van Jeannique. Tot Wanla lopen we dus constant met het hoofd omhoog om toch maar niet geraakt te worden door de steenslag wat na een uur of drie best lastig en vervelend begint te worden. Toch bereiken we allemaal Wanla zonder kleerscheuren en en een jonge Ladakhi verhuurt ons de woonkamer van zijn nieuwe huis voor 200 roepies zodat we alles eens kunnen drogen. We zullen hem eeuwig dankbaar zijn. PS ook de ezelman legt de latina's uit dat doorgaan uitgesloten is en nodigt hen uit naar zijn huis waar ze kunnen schuilen en afwachten wat het eer brengt. Als we gaan slapen regent het nog steeds. Dag 9/8 Juli: Wanla-Khaltse Eindelijk houdt het op met regenen maar de "zandwegen" lijken meer op thermale modderbaden. Daar we niet kunnen telefoneren om de taxi later te laten komen naar Chilling keren we onverzaakt terug naar Khaltse waar we TC Ladakh kunnen inlichten. Het eerste gedeelte leggen we te voet af, tot aan de hoofdweg naar Lamayuru. Vandaar is het nog 15Km naar Khaltse waar we met plezier ook te voet aan beginnen. Het valt ons trouwens op dat er bijna geen verkeer is en een paar kM verderop weten we waarom: De weg is door de militaire politie afgesloten om een reusachtige legerkolonne door te laten. Honderden vrachtwagens zijn op doortocht naar Kargil via de hoge route, die mensen hebben materiaal waar ze bij ons in het leger enkel natte dromen van krijgen. Nu is de dreiging daar wel net iets groter dan bij ons want het laatste grote conflict met Pakistan dateert amper van 1999. Eens de colonne gepasseerd gaat de weg terug open en de vriendelijke man van de militaire politie neemt ons de laatste 8 km mee in zijn legertruck tot in het centrum van Khaltse. TC Ladakh is verwittigd en de volgende dag komt men ons hier ophalen in plaats van in Chilling. Dag 10/9 Juli: Khaltse-Leh Rond 10 uur pickt de jeepdriver ons op zodat we kort na de middag in Leh aankomen. Aneyes, de manager van het bureau is toch wel blij dat we rechtsomkeer gemaakt hebben want ook op de populaire trekkingroutes zoals de Markha-trek is het goed fout gegaan. Bagage kwijt in de rivieren, paarden verdronken bij het doorwaden en er is zelfs al weet van een dode: een 52 jarige paardendrijver is bij het doorwaden van een rivier gevallen en verdronken. Daarbij is onze gescheurde rugzak maar klein bier. Terug in het hotel nemen we onze eerste douche in 6 dagen en blussen onze ontgoocheling met een paar uurtjes souvenirjacht langs de vele Tibetaanse marktjes. We weten nu ook dat de Stok Kangri beklimming zo goed als zeker in duigen ligt want eer het lawinerisico geminimaliseerd zal zijn en de meeste sneeuw gesmolten is zullen er zeker nog enkele dagen verstrijken, zeker als je weet dat het ook deze namiddag regent en dus op grotere hoogte sneeuwt. Men linkt deze overvloedige regen aan de Tsunami: doordat er zeer veel aarde overspoelt is met water zou er ook veel meer verdamping geweest zijn en dus ook meer regen...we zijn er vet mee. Toch is dit desnoods maar uitstel en onze "miserie" stelt niets voor met die van de mensen die de tsunamie meegemaakt hebben. Na een "topmaaltijd" in dreamland restaurant kruipen we vroeg in ons bed. Dag 11/10 Juli: Leh Vandaag bezoeken we de voornaamste bezienswaardigheden in Leh zelf. In de voormiddag is dat het fort en de Gompa van Leh maar eerst klimmen we naar de vlaggentoren recht over de gompa. Van hieruit is het uitzicht adembenemend en niet alleen op Leh maar ook op de ganse vallei. In de namiddag begeven we ons naar de Japanse Shanti stupa welke je bereikt door 544 trappen te beklimmen(je kan ook met de wagen maa dat is voor pussies en jappen). Ik gebruik deze "beklimming" als een test voor de conditie en acclimatisatie door alle trappen te doen zonder te stoppen. Het lukt maar net maar ik denk dat zelfs aan onze Belgische kust en bij deze temperatuur dit een loodzware tocht zou zijn. Deze vrij recente stupa is dus een gift van de Japanners, iets wat se zowat overal doen als teken van vrede. Genoeg afgezien voor vandaag en op de terugtocht wordt er nog wat geshopt, daarna zitten we vrij vroeg in dromenland want het was een vrij zware dag. Dag 12/11 juli: Leh-Hemis-Thiksey-Shey-Leh Terug een lange dag in het verschiet en op cultureel gebied een topdag want niet minder dan drie belangrijke kloosters gaan we bezoeken. We beginnen in Hemis waar we helaas maar een half uurtje kunnen bliven want de enige bus die er per dag naartoe rijdt wacht niet langer. Hemis staat bekend voor zijn reuzegrote thanka die tijdens het festival wordt afgerold. Met hetzelfde busje dus terug tot in Thiksey, voor mijn part het mooiste klooster van de ganse Indus-vallei. Alles is er vrij recent gerennoveerd en de veelvuldige aanwezigheid van de Dalai Lama zal daar wel voor iets tussen zitten. Vooral de twee verdiepingen hoge Matreya boedha doet je met verstomming staan. Dit is echt waar we voor gekomen zijn en Shulz, die gezegd had:" Als je maar één klooster bezoekt, neem dan dat van Thiksey.", heeft overschot van gelijk. Om in Shey te geraken spelen we een beetje "Peking-Express" dwz een combinatie van te voet lopen en liften. We zijn nog geen 10 minuten op stap op twee zakenmannen nemen ons mee in hun luxewagen met airco en Pearls jams "Jeremy" door de luidsprekers. Ze deponeren ons netjes voor de inkom van het klooster, méér moet dat dus niet zijn. Na Thiksey val Shey een beetje tegen of zou de oververzadiging een beetje toeslaan? Na dit bezoek gaat P-E door, ditmaal met een vrachtwagen. De zeer vriendelijke chauffeur neept ons mee tot drie kilometer van Leh en net als we uitstappen stopt er ook een minibusje waarmee we meekunnen tot aan de ingangspoort van Leh. Opdracht volbracht! Dag 13/12 Juli: Rustdag Onze eerste echte lekker lui niets doen dag sinds we vertrokken zijn. In de namiddag zitten we op het terras van "Il Forno" als er plots een stormwind opsteekt. We zien nog net op een terras onder ons een plastic tafel met servies en eten en al de rest de lucht in gaan, einde maaltijd. 10 minuten later begint het te onweren en stortregenen. Op een paar uur na in de valavond zal het ook de ganse nacht onophoudelijk regenen. Dit heeft ook een voordeel: de honden, die regelmatig een blafconcert geven op straat hoor je de ganse nacht niet, houden zo. Dag 14/13 Juli: Bezoek aan Spituk Monastery In de morgen regent het nog steeds en dus wordt de Stok Kangri nu definitief afgeblazen. We gaan ons besluit meedelen bij TC Ladakh welke eerst wat tegensputtelen maar daarna toch toegeven dat het in deze omstandigheden weggesmeten geld is. Zelfs de weg naar Kargil is op dit moment afgesloten door verschillende landslides ten gevolge van de regen. In de late voormiddag nemen we dan de bus naar Spituk monastery. De bus stopt  vlak voor de plaats waar de vliegtuigen zich naar beneden storten, de landingsbaan op. Jammer dat het al zo laat is want van hieruit moet dit ronduit spectaculair zijn. Het klooster van Spituk is niet zo graat maar toch zeker een bezoekje waard. Je mag er maar op weinig plaatsen fotograferen maar daar passen we wel een mouw aan...Na ons bezoek halen we bij TC Ladakh onze tickets op voor de terugvlucht naar Delhi. Na onze eerste tochten langs de highway hebben we besloten om niet het risico te nemen om Jeannique haar rug onnodig te tarten en vliegen we terug met Jetairlines. Daramsala zal dus voor een volgende keer zijn, dan vanuit Delhi met de nachtbus. Vanaf 15.00uur regent het alweer, nu de 8ste dag van de 12 die we in Ladakh zijn... Dag15/14 Juli: Leh-Likir Eindelijk een stralende morgen zonder een wolkje aan de lucht. Na ons, zoals steeds voortreffelijk ontbijt laten we het thuisfront nog maar eens meegenieten van onze ervaringen via internet. Daarna gaan we onze rugzakken maken want we hebben besloten om er nog een dag of 4 op uit te trekken met name de tocht van Likir naar Temisgang. Dat rugzakgedoe is niet zo simpel want onze grote Badlands is total loss door een ongelukje met één van de paarden voordien. Toch lukt het ons om het allernoodzakelijkste mee te nemen in mijn 50L Peuterey en de "handbagagerugzak" van Jeannique. Als we even na 15 uur naar het busstation vertrekken moeten we ons reppen om de juiste bus te vinden want het is alweer al aan het dretsen. Als we echter in Nimmu stoppen voor een theepauze zit er alweer een waterzonnetje uit maar net ervoor hebben we echt met de bus door het water moeten waden want de ruimte onder de brug was echt ontoereikend geworden. Na een drietal uurtjes bereiken we Likir. Voor mij was dit alvast één van de meest rustgevend plaatsen waar ik ooit geweest ben. De combinatie van het landschap, de aanwezigheid van het klooster met reuzengroot boedhabeeld en de gemoedelijke sfeer in Dolkar Guest house zorgen er voor dat ik hier gerust een ganse periode zou willen verblijven, hier willen we zeker nog terugkomen! Daq16/15 Juli: Likir-Yangtang Na een bezoek aan het majestueuze klooster van Likir, waar de broer van de Dalai Lama een belangrijke functie heeft, volgen we de  door de eigenaar van het guesthouse getoonde weg richting eerste pas, de Pobe la. We hebben gans het landschap voor ons alleen en rondlopen in dit scenario, dat is echt waarvoor we gekomen zijn. Voorbij de pas gaat het via een shortcut stijl naar beneden maar als we bij de rivier komen legt een jongetje ons uit dat de brug door de regenval van vorige dagen de rivier is ingedonderd en dat we terug omhoog naar het jeep-trail moeten. Wegenwerkers geven nog meer onheilspellend nieuws door mede te delen dat de omweg zo een 18Km bedraagt. Toch bereiken we na anderhalve kilometer terug een brug die we oversteken en vanwaar we via een andere shortcut min of meer  terug op het juiste pad geraken. Toch is de weg naar Yangtang nog vrij lang en het is bloedheet, meer dan 30°. Geen wonder dat deze trek afgeraden wordt in juli en augustus. Toch hebben we drank genoeg bij en stoort het ons niet echt omdat we geen tijd hebben om eraan te denken, zo overweldigend is het landschap. In het middeleeuwseYangtang nemen we onze intrek in Solpon Guesthouse, waar bedden nog moeten uitgevonden worden maar waar ook de chang en de Dal Bhaat nog net dat beetje meer smaken als je op de grond tussen de familie zit te smullen. 's Avonds komen de wijzen van het dorp er verhalen opdissen en zitten de jongeren, eveneens een kop chang in de hand muisstil mee te luisteren. We zijn er samen met een koppel Nederlanders die al meer dan vier maand in India onderweg zijn en nog anderhalve maand te gaan hebben, de lucky basterds. Dag17/16 Juli: Yangtang-Temisgang Gisteren heb ik mij geïnformeerd over de shortcut naar Himis en hier is er geen probleem. Groot is onze verwondering als we beneden aan de rivier staan want ook hier is de brug het water ingedonderd. Raar gevoel voor humor hebben die "Yangtangers". Dan maar terug naar het jeep-trail om een brug te nemen een paar honderd meter verder. Na twee uur zijn we in Himis en ontmoeten er de Nederlanders weer. We kuieren wat rond, drinken een pepsi want in Yangtang was geen frisdrank te krijgen, en begeven ons dan naar de Meptek La. Dit is de gemakkelijkste pas om te bereiken maar de meest uitdagende om af te dalen. Een Israëlische daalt zelfs af op haar zitvlak, duidelijk een verkeerde keuze. Dan gaat het pad rechtsaf en zie je in de verte al de laatste pas, de Lago La, zeker de mooiste van de 5. Als we even aan het uitrusten zijn boven op de pas komt er een reusachtige kudde geiten met hoeder voorbij en even snel zijn ze terug uit ons vizier. Dan beginnen we aan de definitieve afdaling waarbij we eerst Ang doorkruisen om uiteindelijk in Temisgang te belanden. We logeren er in het zeer degeljke Cum Guesthouse vlakbij de busstop en ontmoeten er een stelletje uit Frankrijk dat in de Pyreneën woont. Zij logeren bij ons omdat ze in een ander guesthouse in Temisgang bestolen waren van hun fototoestel. Toch had ze het persoonlijk door het raam van de keuken terug in handen gekregen. Het was net niet goed genoeg verstopt tussen de potten tsampa. Eind goed, al goed maar bevorderend voor het humeur is dit niet. In Cum Guesthouse is er zelfs een badkamer met douche wat ten zeerste geappreciëerd wordt, de thee is gratis en het eten zeer lekker, kortom: top! Dag18/17 Juli: Temisgang-Leh De bus die we moeten nemen om terug naar Leh te keren vertrekt niet in Temisgang maar in Ang zodat hij ons eerst doodleuk passeert en doorrijdt naar Tea. Vandaar komt hij terug voorbij onze busstop en wel met een overvolle inhoud schoolkinderen. Deze zijn op weg naar hun jaarlijkse picknick een 30-tal Km verderop. Ik zoek in mijn rugzak alle overgebleven balpennen en de bus is meteen te klein, als hij dat al niet was. Onze chauffeur is waarschijnlijk Javeed Shumacher, een verre Indische neef van de shumy's. Zijn rijstijl liegt er zeker niet om en aangezien we op onze favoriete achterbank zitten en deze zo een tweetal meter voorbij de achterwielen geplaatst is...Nu weten we direct waar de makers van de spacemountain hun inspiratie haalden al is deze versie net iets gevaarlijker met de Indus constant onder ons. In Basgo maakt onze gladiator mat zijn stalen ros letterlijk een piststop want we rijden nu al een aantal Km met 5 banden ipv zes alsof dat hem stoorde. Blijkt dat hij na zijn verplichte rustpauze nog net iets harder kan en we zijn dan ook wat blij als we de bushalte van Leh binnenrazen. Nu hadden wij nog geluk want wij zaten nog in de bus. Een hond was er in Temisgang gewoon bovenop gebonden en wij hopen oprecht dat deze viervoetige vriend niet aan zijn proefstuk bezig was want anders wil hij daar nooit meer op. De rest van de dag beperken wij ons tot tot bekomen, douchen, internetten, terrasje doen, eten en slapen. Dag19/18 Juli: Leh-Stok of... Een mooie dag gaat het worden zodat we in de voormiddag nog wat Tibetaanse marktjes afshuimen, er zijn er genoeg, op zoek naar een sierraad om rond Jeannique haar nek te hangen. Na twee uur zoeken komen we terug bij het kraam waar ze haar eerste keuze gezien had en die wordt het...Stok moeten we toch eens bezocht hebben en dus gaan we tegen half één, in de trailblazer staat dat de bus vertreket om één uur, de bus zoeken. Geen bus te zien want deze vertrekt maar om 14 uur waaruit nog maar eens blijkt dat die trailblazer eigenlijk gaan eurocent waard is, gewoon vol fouten. We kuieren wat rond op de local market om tegen twintig voor twee terug te keren naar de bus...die nu meer dan vol zit. We besluiten dan maar om morgen naar Stok te rijden want een uur rechtstaan in dat vehikel dat gemaakt is voor liliputters zie ik toch niet echt zitten. Rondkijken en genieten van niets te doen is de boodschap voor de rest van de dag. Dag20/19 Juli: Leh-Stok of... Vandaag de laatste dag in "Little Tibet", wat we met gemengde gevoelens ervaren. Langs de ene kant hebben we het in en om Leh wel voor eventjes gezien maar langs de andere kant huiveren we toch een beetje van de temperatuur welke we in Delhi gaan voelen, in de krant geven ze 42° C voor de komende dagen. We slapen ons eens uit en maken onze tassen klaar voor morgen. Daarna begeven we ons naar het busstation voor onze tocht naar Stok. Blijkt dat de bus om 12 uur helemaal niet bestaat terwijl de buschauffeur zelf ons die tip gegeven had. Stok zal voor volgende keer zijn en in de plaats bezoeken we nog een klein klooster in Leh zelf en de gele stoepa. Net voorbij de gele stoepa stappen we binnen in een winkeltje waar prachtige beelden staan. De eigenaar is een thanka schilder, opgeleid in Dharamsala en we mogen rondneuzen in oa zijn boek waar alle specificaties in staan voor het schilderen van een thanka. Zelfs de kleuren liggen vast en bijna niets mag afwijken van de opgelegde tekening. Uit pure sympatie kopen we bij hem één en ander om ons altaar thuis nog wat op te smukken. Op aanraden van Javeed van dreamland gaan we nog eens naar jetairways om te vragen of onze tickets in orde zijn. Blijkt dat TC Ladakh ze niet geconfirmeerd heeft en we hebben geluk dat Javeed, die er connecties heeft, ons er heen gestuurd heeft. Na een laatste fijnproeversavond in dreamland restaurant zijn we klaar voor de clash in Delhi... Dag21/20 Juli: Leh-Delhi Om vijf uur staan we op want een kwartier later komt de taxi om ons naar de luchthaven te brengen. Na veel te veel controles geraken we toch op het vliegtuig weliswaar zonder reservebatterij van het fototoestel want dit wordt veel te gevaarlijk bevonden. Als we, na een perfecte vlucht, landen in Delhi blijkt er geen taxi voor ons aanwezig te zijn. We rijden dan maar op eigen houtje naar Master Guest house waar Ushi ons doodleuk vertelt dat we geen kamer hebben. Ze gaat ons wel helpen er eentje te vinden en geeft ons een Lonely Planet van 1991. Gelukkig hebben we zelf een exemplaar van 2004 en via via belanden we in one link road guest house, een spiksplinternieuwe keet waar we een derde meer betalen dan bij master maar dit is een ware oase van rust en comfort in deze heksenketel. Zeker een aanbeveling waard voor wie een paar euro meer overheeft voor zijn verblijf in deze miljoenenstad. Eens geïnstalleerd regelen we onze terugvlucht naar Parijs en laten we ons eens goed gaan in de Mc Donalds. Via Ashok tours and travels, het reisbureau van voorgenoemd megahotel en zeer aangeprezen, boeken we onze uitstap naar Agra waar het laatste hoofdstuk van onze indiareis op ons wacht: de Taj Mahal.  Dag22/21 Juli: Delhi-Agra-Delhi Om 6.00u worden we met een taxi naar het Ashok hotel gebracht voor de uitstap naar Agra. Daar pikt een minibus ons om 6.45 u op. Het verkeer in en rond Delhi is een echte heksenketel; overvolle bussen, vrachtwagens, ossenkarren, kamelentransport,... kortom alles wat rijdt en kan rijden is op de baan zowel op het eerste als op het derde rijvak al dan niet in de juiste rijrichting. Spookrijden is blijkbaar een van de populaire sporten op de Indische wegen. Geen wonder dat we op die 430km durende rit verschillende ongevalen gezien hebben. Om 11.30u komen we in Agra aan, daar pikken we onze gids op en rijden we meteen naar de Taj Mahal. Vol spanning stappen we door de poort en daar staat hij dan, de Taj in al zijn glorie. geen enkele foto kan de grootsheid en schoonheid van dit majestueuze bouwwerk weergeven. Dit is echt een wonder! Een gebouw volledig uit wit marmer ingelegd met halfedelstenen en perfecte verhoudingen; zelfs de tekens van de koranteksten worden groter naarmate ze hoger staan. Zo ontstaat de optische illusie dat alle tekens even groot zijn. Het is een praalgaf die de Mogol-keizer Shah Jahan liet bouwen voor zijn lievelingsvrouw Mumtaz Mahal. Later is ook de keizer zelf bijgezet in de grafkamer. Er is bijna 22 jaar aan gewerkt en de Taj werd voltooid in 1653. We verlaten de Taj en gaan naar het Agra Fort; een enorm complex met gebouwen in allerlei stijlen, gebouwd tussen 1565 en 1573 door Akbar. Vanop het Rode Fort hebben we een prachtig uitzicht op de Taj Mahal en de Yamuna rivier. In een van de paviljoenen met uitzicht op de Taj Mahal bracht Shah Jahan de laatste jaren van zijn leven door als gevangene van zijn zoon. Na het bezoek aan het fort gaan we lunchen en daarna beginnen we aan de terugtocht naar Delhi. Onder weg bezoeken we ook nog Fatehpur Sikri, 14 jaar lang de hoofdstad van het Mogol-rijk. Een ommuurde Mogol stad met en mengeling van hindoe- en moslimstijlen. Daarna wordt de terugreis aangevat, we nemen nog een thee- stop onderweg en worden rond 21.15u aan ons hotel afgezet. Het was een mooie maar lange en drukke dag. Dag 23/22 Juli: Delhi Na een verkwikkende nacht gaan we ontbijten bij de befaamde Nirula's, waar je voor 145 roepies of 2,8 Euro van een reusachtig ontbijtbuffet kan gaan smullen. Alleen al voor het versgeperst fruitsap zou je meer geven. Met de kaart in de hand en voortduren lastig gevallen door gasten die je vanalles willen ansmeren, gaan we te voet op weg naar de Jama Masjid moskee. Jammer dat we niet binnen mogen vanwege het vrijdaggebed want ook deze mastodont loot waarschijnlijk de moeite. Daarna murwen we ons door de smalle straatjes van de bazars en vooral de Khari Baoli oftewel de kruidenbazar trekt onze aandacht. Dit is de grootste specerijenmarkt van Azië en ook wij, rasechte kruidenfanaten, kopen en lustig op los. In Chawri bazaar vind je naast allerhande loodgietersspullen ook een gamma van alle dekbare soorten papier, ook zeker de moeite waard. Moe maar meer dan voldaan keren we naar ons guesthouse terug. Dag 24/23 Juli: Delhi-Parijs We zijn opgestaan met een immens probleem: morgen eindigt onze prachtige reis en ruilen we het bloedhete Delhi om voor het regenachtige Aalst. Verre van alles liep van een leien dakje maar sinds het moment dat we ons neergelegd hebben bij het feit dat een strak reisschema aanhouden onmogelijk is, hebben we ons hier kostelijk geamuseerd. Back to reality.... Wat we op onze laatste halve dag, om 15.00H pikt een taxi ons op voor een laatste rodeo naar Indira Gandhi International Airport, is het nationaal museum. Je bent hier al gauw een uur of drie kwijt om al dat moois te bewonderen. Eens in de luchthaven, je moet er 3 uur vooraf inchecken, gaat alles vrij vlot en zelfs de korte tijdspanne van 40 minuten om over te stappen in Abu Dhabi is geen probleem om ook onze bagage veilig en wel terug te zien in Parijs. Een paar uur later brengt de TGV ons in full speed naar Rijsel waar Jeannique haar ouders ons vol spanning staan op te wachten. Ja, ook deze keer zijn we terug levend en wel naar vertrouwde bodem afgezakt. Dag 25/24 Juli: Parijs-Rijsel-Tielt-Aalst Home sweet home. De wagen is gemaakt, de centen zijn verteerd en we kunnen terug nieuwe plannen beginnen maken voor een volgend avontuur.
 India 2006 De Kleuren van Bruin. Wat voorafgaat: In een zotte bui ben ik begin februari op zoek naar een valentijnscadeau voor Jeannique en aangezien zij toch wel verzot is op India bel ik naar Joker Gent wat er voorhanden is voor de periode van 14/7 tot 31/7 want dan sluit de firma waar ik werk. Een beetje tegen hun zin bieden ze mij tickets aan met Air India tegen een gunstige prijs en ik hap meteen toe. Het vervolg vinden jullie hier: 14/07:Tielt om 4.30H.De wekker loopt af en ik duik onder de douche. Onze eerste grote reis van dit jaar komt er aan. Voor ontbijt hebben we geen tijd want we moeten om 6.35H de TGV op in Rijsel. In Lille Europe is echter alles gesloten want het is de Quatorze Juillet, de nationale feestdag van Frankrijk. De trein is klokvast en om 8.30H zijn we al van onze bagage verlost, het tijdstip om eindelijk te ontbijten. Die tickets voor AI zijn eigenlijk tickets voor Air France, een lid van de alliantie en het zijn zij die de vlucht verzorgen. En hoe? 2X champagne, zeer degelijk voedsel met witte en rode wijn en nadien nog een digestiefje, meer moet dat niet zijn. Air France overtroeft hiermee zeker Austrian, tot nog toe onze topper. Om 22.30H landt het vliegtuig op IGI Airport en een uurtje later zijn we voor 250IR op weg met de taxi naar de Domestic Airport.Het aftellen voor de vlucht naar Leh Kan beginnen. 15/7: Met de nodige verwarring van onaangekondigde vluchten ed gaat de nacht voorbij maar om 6.53H gaat onze noodgedwongen business-class vlucht de lucht in. Om acht uur staan we reeds terug aan de grond op de gewijde bodem van Leh en na de nodige formaliteiten zijn we eindelijk buiten waar het grootste licht van de stad ons opwacht met een omgekeerd en achterste voren naambordje. We logeren niet in Dreamland, zoals gepland maar omdat dit voor 2 maand door een filmploeg is afgehuurd brengt Javeed ons onder in de Mayflower. De kamers zijn kraaknet en er is de ganse dag warm stromend water dus hoor je ons niet klagen. Het aankomstgevoel, de hoogte en de vermoeidheid doen ons de eerste uren in ons bed verzeilen maar daarna moeten we echt naar “Il Forno”, onze favoriete restaurant in Leh. De rest van de dag kuieren we wat rond langs de straatjes en locale markten. 16/7:Eens uitgeslapen en het ontbijt verorberd bezoeken we het oude fort en de bovenste tempel. Dan wil Jeannique de thankaschilder met 10 jaar Norbulinka ervaring gaan bezoeken want dit jaar wil ze er absoluut eentje kopen maar we stellen wel uit tot na de trek. Na de middag worden de zakken gemaakt voor de trek want morgen om 8 uur beginnen we er aan. Rond half vier zijn we terug op weg naar de Shanti-Stoepa met zijn 540 trappen en net zoals vorig jaar lukt het mij om ze allemaal te doen zonder stoppen en dit in 10 min 28 sec. Of dit snel is weet ik niet maar zonder enige acclimatisatie vond ik het toch niet slecht. Jeannique doet het wat voorzichtiger aan na haar blessures van de voorbije maanden, toch verloopt ook bij haar alles prima. We blijven bijna een uur boven op het terras van de stoepa, genietend van het schitterende uitzicht. Vervolgens hebben we nog een intermezzo in een cybercafé om familie en vrienden te laten weten dat alles prima verloopt. 17/7: Om kwart na acht meldt Javeed zich om ons op te pikken voor de trek. Onze gids, Tsering en 25 jaar, is afkomstig van Zanskar en is behalve een ezeldrijver de enige die ons vergezelt. Negen uur en we zijn al onderweg en Tsering houdt er een stevig tempo op na, hij is ons duidelijk aan het testen. Jeannique geeft echter geen krimp zodat we rond half één al op de kampplaats zijn in Zinchen. Eigenlijk was het stoffige jeeppad vrij eentonig maar toch hebben we enkele prachtige foto’s kunnen maken en ook Zinchen, op 3420M, is vrij idyllisch met zijn grotere bomen en een riviertje langs de campsite. Er staan ook 2 parachutetenten, eentje omgevormd als bar/restaurant en eentje dient als schaduw voor de gasten. Het is 38° en het ijskoude rivierwater is zalig om pootje te baden. Ook ‘s avonds en ‘s nachts is de hitte niet te doen en we liggen de ganse nacht te woelen bovenop onze slaapzakken. 18/7: Ondanks de slechte slaap zijn we rond 6.30H al uit de veren omdat we rond 8 uur willen vertrekken vanwege de hitte. Vandaag is de trek stukken boeiender dan gisteren en de tocht door de kloof naar Rumbak is vrij spectaculair. Eén keer krijgen we de witte massa van de Stok Kangri te zien wat het WOW-effect nog omhoog drijft. Op de splitsing van het pad naar de Stok La en het pad dat doorloopt voor de Markha trek staat terug een parachute tent met drank en we blijven er enige tijd praten met twee oostendse vrouwen die we hebben leren kennen de avond voordien. Vanaf hier is het nog 40 minuten naar onze kampplaats dus tijd zat. Toch heeft onze ezelman het zo niet begrepen en hij lijdt zijn kudde prompt door tot aan de voet van de stok La op 4400M. Die 40 minuten worden meer dan 2 uur en onder deze loden zon is dat echt geen sinecure. s 's Avonds krijg ik geen hap meer naar binnen, een combinatie van 1000M stijgen en de hitte hebben mij zwaar afgepeigerd. Gelukkig voelt Jeannique, die meestal eerst last heeft van de zon, zich vrij goed. Ze is alleen een beetje zenuwachtig voor De Stok La, die hoog boven ons uittorent. Morgen staan we zeker op tijd klaar want dit karweitje doen we liefst in het ochtendgloren. 19/7: Jeannique is er klaar voor en om kwart voor acht beginnen we aan de klim naar de col. Mijn maag is nog steeds niet in orde zodat ik het een beetje kalm aan doe en bij Jeannique blijf maar eigenlijk blijft zij bij mij want in anderhalf uur heeft ze de 510 hoogtemeters overbrugd zodat we om kwart na negen in de col onder de gebedsvlaggetjes zitten. Bij de lange afdaling naar de vallei van de Stok Kangri zitten we enkele uren volop in het gebied van de sneeuwluipaard en ook al zijn we volledig alleen, wij krijgen er geen glimp van te merken. Rond 13.00H zijn we in Mancarmo op 4350M en Jeannique is direct beste maatjes met de 2 locale bewoonsters. Er worden foto’s genomen om later op te sturen en ze ruilen kookjes en broodjes. Wat zijn deze mensen toch spontaan! Op een parachutetent na is onze tent de enige schaduwplaats die er is zodat we er graag gebruik van maken om te schuilen…voor de zon. Morgen is het niet zo ver meer naar BC, dus vertrekken we wat later en gaan we maar rond half negen slapen. 20/07: Door de rivierbedding dus naar het BC van de Stok Kangri. Het gaat gestaag omhoog en op een paar rivieroversteken na is het helemaal niet moeilijk. Op mijn maag na, eigenlijk het gevoel van te weinig(niets) te eten want in tegenstelling tot Jeannique lust ik die Zanskar-keuken van Tsering niet, gaat het vrij goed. Iedereen, de ezels van Tsering Mutup incluis, bereikt zonder moeite het 4915M hoge basiskamp. Na een tweetal uur hebben Tsering en ikzelf barstende hoofdpijn in tegenstelling tot Jeannique die tiptop in orde is. Toch wil ik morgen een poging wagen om naar de top van de Stok Kangri op 6135M te klimmen. We zijn hier nu toch en het kost mij geen Euro meer ook al weet ik dat mijn kansen nihil zijn om te slagen want niemand vertrekt van hier maar van het hoogtekamp op 5320M. Iedereen verblijft hier ook al een tweetal dagen om dan na de middag naar HC te verhuizen en rond 2 uur morgenvroeg van daaruit te vertrekken. Daar deze klim helemaal geen prioriteit was wou ik er echter geen extra tijd aan besteden, dat doen we wel in oktober in Nepal voor de Lobuche East. We zien wel waar we uitkomen. 21/07: Het is kwart voor één als de wekker afloopt en ondanks de aspirine en een halve diamox is mijn hoofd niet echt beter. Toch waag ik het er op al is de prognose van 10-11 uur afzien niet echt hoopgevend. Ik ga proberen van snel te stijgen en af te haken van zodra het niet meer te doen is, ik ben helemaal niet van plan om op deze reis risico’s te nemen. Aanvankelijk gaat het vrij goed want de 2.5 uur naar HC haspelen we af in anderhalf uur. We zijn dan 400 meter gestegen, zowat één derde maar nu volg een zeer eentonige zone met veel grote rotskeien en bijna geen hoogtewinning. Een uur later en 80 meter hoger geef ik er de brui aan. Moest het nog 300 meter stijgen zijn, dan bijt ik wel mijn tanden stuk maar het is zeker nog 6 uur stijgen met deze lage hellingsgraad en nog 750 hoogtemeters voor de boeg. Onbegonnen werk dus wetende dat we 6 dagen geleden nog in België waren. Als je een degelijke poging wil wagen met vrij hoge slaagkans dan trek je voor deze berg gewoon 2 dagen meer uit en in 8 dagen heb je een 6000-er beklommen. Terug naar beneden dus en terug de slaapzak in, niets gebeurd. In de late voormiddag zeggen we BC vaarwel om door de rivierbedding via Mancarmo af te zakken naar een heuse camping(we staan wel alleen) op 4100M waar ons hoofd terug normaal functioneert. Ook deze afdaling ging langs een schitterend decor en we komen tot het besef dat morgenvroeg onze korte trek er op zit. Het resultaat is ronduit positief want jeannique heeft ondanks het gemis van een stoel op geen enkel moment last gehad van heet rug en ook van de dubbele spierscheur had ze geen enkele last. Houden zo dus en op naar het volgend avontuur zou ik zeggen. 22/07: Onze korte tocht naar Stok wordt aangevangen om 8.20H zodat we rond 9 uur aan het eindpunt zijn. Tsering Mutup, onze ezeldrijver nodigt ons uit om thee bij hem thuis te gaan slurpen en we worden er echt feestelijk ontvangen: eerst boterthee, dan gewone thee, tsampa, koekjes, eieren, ….het kon niet op maar we moeten echt afscheid nemen want we willen nog naar het paleis van Stok. Stok ziet er helemaal niet uit zoals vele andere dorpen, hier staan veel grote huizen en er heerst weelde op menig terrein. In het paleis bezoeken we de 5 van de 85 kamers die toegankelijk zijn en na nog een bezoekje aan de gompa binnen het paleis is onze trektocht definitief ten einde en rijden we met de taxi naar Leh. Na een lange douche, het was nodig, kunnen we eindelijk (voor mij althans) nog eens degelijk gaan eten naar “il forno” al moet ik zeggen dat ik na een weekje vasten mijn penne arabiata bijna niet volledig opkrijg. Dan is voor Jeannique de tijd echt gekomen om een thanka te gaan kiezen en kopen . Hij toont ons nog een exemplaar wat we nog niet gezien hebben en dat zijn nu juist de kleuren waar ze al een eeuwigheid naar zoekt. Al gauw volgt een deal zodat iedereen tevreden is. De rest van de dag wordt besteed aan algemeenheden: geld afhalen en wisselen, Javeed informeren over de trek, internetten voor de stand in de tour en via mail het thuisfront op de hoogte houden. 23/07: Bij het ontbijt hebben we kennis gemaakt met een echtpaar uit Hamme die hier al sinds maandag logeren maar de man heeft een ganse week last gehad van hoogteziekte. Het is dus de eerste dag dat ze eigenlijk gaan buitenkomen, zonde van de tijd. Nadat we ons hotel hebben afgerekend bij Javeed gaan we naar het busstation want we willen naar Thiksey, voor mij tot nu het mooiste klooster van Ladakh. Na een half uurtje staan we aan de voet van de rots en kunnen we aan de trappen beginnen. De hitte is zowat ondraaglijk, mijn thermometer geeft 46 graden aan in de schaduw van mijn rugzak. Na deze culturele verademing gaat het terug naar Leh en aangezien we niet direct een bus zien proberen we maar met autostop. Na een tiental minuten stopt er een legerjeep waarin een hogere officier in golftenue, zijn chauffeur en zijn caddy zitten. De man ziet er zeer streng uit maar is toch zo sympathiek om on mee te nemen en ons netjes in Leh af te zetten. Onze tijd in Leh begint stilaan op te raken, tijd dus voor Jeannique om de laatste souvenirs te kopen waaronder een zeer fraai naslagwerkje over Ladakh. In de valavond krijgen we een onweer van jewelste zodat ons “laatste avondmaal” bijna in duigen valt maar uiteindelijk komt alles goed en zitten we om 20.30H in ons bedje want om 5.30H komt de taxi ons oppikken. 24/07: Op de luchthaven van Leh verloopt alles wonderbaarlijk goed zodat we, weliswaar na een aantal checks en rechecks vrij snel zitten te wachten in de vertrekhal. Met 3 kwartier vertraging gaan we de lucht in en een dik uur later staan we te wachten op de bagage welke bijna als eerste van de band rolt. Onze peperdure taxi heeft toch airco zodat we niet direct de hitte van het broeierige Delhi voelen. We trotseren de warmte en gaan naar de Yama Mashid welke nog maar eens gesloten is zodat we meteen doorwandelen naar Kari Baoli, het kruidencentrum van de wereld. Wij kopen er zwarte peper en vooral wierookstokjes. Terug naar de moskee mogen we nu wel binnen als we 2x 150 IR betalen voor ons fototoestel en een vergoeding voor de stockage van onze sandalen. Voor dat bedrag kunnen we evengoed eens zot gaan doen in de Mc Donalds op Connaught Place maar eerst passeren we langs Chawi Bazar, waar alles ivm papier te vinden is. In de Mc Donalds maken we kennis met Dr Ashiko Daili, de voorzitter van de Switland International Peace University , die streeft naar een onafhankelijk Switland, de apex uiterst oostelijk van India met oa Sikkim. Zowat 2 uur discuteren we met hem over van alles en nog wat zoals de dalai Lama, WO II, de chinezen, enz…Uiteindelijk belanden we terug op onze comfortabele kamer van Yatri house maar eigenlijk is 2250 IR toch veel wetende dat je maar tussen 18 en 21 uur airco krijgt. 25/07: Als we in Delhi zijn ontbijten we meestal bij Nirula’s (180 IR a volonté) en dat is vandaag niet anders. Daarna moeten we naar Air India om onze retourtickets te herconfirmeren. Plots breekt er een heuse moesson-bui los en voor meer dan een uur valt het water met bakken uit de lucht zodat de straten echt rivieren worden waar de auto’s nog met moeite doorgeraken. Als we net niet verzopen terug op Connaught Place geraken duiken we letterlijk in Palika bazar waar zowat alles spotgoedkoop is. Dit wordt de plaats om op het einde van de trip onze laatste roepies op te maken. We moeten anderhalf uur op voorhand klaarstaan voor onze 600 IR kostende bus naar Mcleod Ganj. Alles gebeurt er nogal mysterieus maar uiteindelijk komt de bus er toch door en kunnen we vertrekken. We zitten op de voorlaatste rij tussen de Israeli’s die zich helemaal niets aantrekken van enig verbod zodat ze er lekker op los paffen, mariuhana, hasj geen enkel probleem. Ook qua lawaai zijn ze zeker niet aan hun proefstuk toe en het lijkt wel dat onze tocht naar Dharamsala een ware beproeving gaat worden. Zonder enige slaap tuffen we met ons luxe wrak richting Dalai Lama. 26/07: Na een laatste ontbijtstop rond 5.00H begint de bus te klimmen op de Heuvels van Himachal Pradesh waarbij het steeds moeizamer gaat en de laatste kilometers gaan echt in eerste versnelling. De hevige onweders van vannacht hebben plaats geruimd voor gutsende regen. Gelukkig moeten we niet ver en met de moesson regent het nooit lang, tenminste dat dachten we toch. Ons hotel, HIM queen is een vergane glorie uit betere tijden. We zitten in een luxe suite voor 800 IR en dat is die kamer dubbel en dik waard, alleen zijn de kleuren van plafond en muur van minstens 30 jaar terug. Ook het zicht vanop de kamer is zeer spectaculair, al is dit nu niet het geval door de overvloedige regen. Uiteindelijk bezoeken we de Tsuglagkhang en de Kala Shakra tempel, beide behorende tot de residentie van de Dalai Lama. Volledig doorweekt gaan we eten in Nick’s Italian Kitchen, een zeer degelijk restaurant met vrij lage prijzen. Zijn gnocchi met champignons, spinazie en kaassaus zijn gewoon verrukkelijk. Daar het slechte weer gewoon blijft aanhouden, ook de komende dagen, boeken we onze bus terug een dagje vroeger zodat we een extra dag in Delhi hebben. Eigenlijk een dagje om zo snel mogelijk te vergeten. 27/07: We zijn al vrij vroeg met de bus op weg naar het Norbulinka-instituut waar oa de befaamde thanka-schilders 10 jaar studeren. Met de bus betaal je voor een retourtje 22 IR ipv 350 met een taxi en je beleeft altijd iets op zo een rammelkar. Het instituut is prachtig ingericht, hoe kan het anders, maar de grootte valt ons toch een beetje tegen want we dachten dat het veel groter ging zijn. Terug in Mcleod Ganj gaat het terug naar de Tsuglagkhang –tempel waar een ceremonie aan de gang is. We maken er graag gebruik van om één en ander vast te leggen voor het thuisfront. Het is terug beginnen regenen en als we terug onze bagage moeten ophalen voor vertrek regent het zo hard dat we voor een half uurtje een reuzenparaplu moeten kopen willen we niet volledig verzopen op de bus kruipen. Onze bus zit deze keer niet eivol en onze chauffeur is zeker niet van het roekeloze type, ons inziens zijn de “luxe” bussen toch wel veiliger dan in Nepal. 28/07: Eerste wapenfeit van de dag vindt plaats rond 4 uur als de bus een sanitaire stop maakt. Een overenthousiaste verkoper van cassettes gooit al zijn “vermogen” in de strijd zodat wij, een dertigtal suf en nog half in slaap niets vermoedende sukkels, getrakteerd worden op een oorverdovend lawaai waar maar menig boombal een openluchtmis tegen is. Dit is India op en top…Sangai heeft geen plaats in yatri-house en hij stuurt ons naar Cottage Yess Please in de toeristenwijk Pagarganj. Onze kamer is er kleiner maar zeer net en voor 850 IR hebben we ook de ganse dag airco. Dit wordt zeker onze vaste stek bij verblijf in Delhi want recht erover is één van de betere restaurants van de toeristenwijk wat aardig meegenomen is. We vullen onze dag met kuieren en souvenirs kopen want het zit er bijna op. Vandaag hebben we trouwens geen druppel regen gezien en dat lucht op. 29/7: De laatste dag in India en we hebben zalig geslapen in Cottage Yess Please. Dit wordt nog een dagje uitbollen met ontbijt in Nirula's en de laatste roepies opmaken op Janpath road en palika bazar. Dan nog een lekkere koffie bij Costa's maar daarna moeten we echt terug naar Pagarganj waar we het thuisfront trakteren op een laatste e-mail. Om 19.00 H krijgen we van de receptionist de sleutel van een kamer welke we een half uur mogen gebruiken om ons te verkleden en te douchen. Dit is een service welke zeker het vernoemen waard is en een reden om er (terug) te gaan logeren.Yess Please: een aanrader!! Rond 20.00 H zijn we met de taxi, die nu plots maar 250 IR kost ipv 700, op weg naar I.G.I. Airport en tot onze verbazing is de terugvlucht ook met Air France en kunnen we direct inchecken, vlotter kan echt niet. Na nog een paar uur wachten kunnen we uiteindelijk plaatsnemen in het vliegtuig, het is net middernacht voorbij. 30/7: De terugvlucht verloopt rimpelloos en ook in Parijs is er zo goed als geen controle. Het wachten op de Thalys duurt echt lang als je thuis wil zijn maar om stipt 12.00 H staat de trein in Brussel Zuid waar Erik, een vriend waar je steeds kan op rekenen, ons opwacht om ons naar huis te voeren. Daar wachten de ouders van Jeannique op ons en als we de deur toetrekken beseffen we echt dat het weeral voorbij is.
 India 2007 De Rupshu trek 1/ Sa 28/7: Zoals steeds zijn Lena en Jozef meer dan punctueel om ons naar de luchthaven te voeren zodat we daar eerst nog kunnen ontbijten.  Het is één van de drukste weekends op Zaventem waardoor waardoor we met een uurtje vertraging opstijgen maar we hebben tijd zat in Istanbul. Om 2.30H komen we aan in Delhi. 2/Su 29/7: Het regent in Delhi als we rond 3.10H met al onze bagage een taxi nemen naar de domestic airport. Aan de bali van Jetairways kunnen we regelen zodat Daniel en Romain in hetzelfde vliegtuig als wij naar Ladakh kunnen vliegen. De vlucht van 6.30H vertrekt perfect op tijd en om 7.35H zetten we voet op de heilige grond van Little Tibet. De opvang van Dreamland is perfect en een weinig later zitten we reeds op onze kamers, nog steeds aftands maar proper, waarin we tot rond de middag gaan pitten. Daarna een verkwikkende warme douche en we kunnen de stad in naar Il Forno, ons favoriet terrasrestaurant want de kebab van T.A. was echt niet te vreten. De rest van de dag leiden we Romain rond in Leh, wisselen geld en dergelijke en voor je het weet is de dag voorbij. 3/ Mo 30/7: Half uitgeslapen, enkele indiërs in de kamers naast ons maakten het nogal bont, gaan we naar het bureau van Javeed. De hotelverantwoordelijke wordt er bijgehaald en de indiërs kunnen vertrekken als ze deze nacht niet stil zijn. Alle voorbereidingen worden getroffen en op woensdag begint de trek maar eerst gaan we morgen een jeeptocht doen naar Pangong Lake op de grens met Tibet. Vandaag gaan we wel een beetje bewegen, in de voormiddag klimmen we naar het oude fort en de gompa erboven. In de namiddag bezoeken we de shanti stupa die met zijn 540 trappen hoog boven Leh torent. We voelen ons alle 4 vrij goed hier op 3500M hoogte maar toch gaan we vroe slapen want morgen moeten we om 5.15H uit de veren. De jeep naar Pangong Tso vertrekt om 6.00H. 4/ Tu 31/7: De weg naar Pangong Tso is lang en hobbelig, met een gans stuk onverhard over de Chang La, één der hoogste berijdbare passen ter wereld met zijn 5270M. die pas bereik je na een slordige 2,5 uur en dan ben je nog niet eens half weg. Ik heb de ganse dag een loden hoofd, waarschijnlijk van de hoogte en ik ben wat blij als we terug naar Leh terugkeren. Ik wordt nog beter gezind als onze driver in ware Lewis Hamiltonstijl terugkeert, nl in 3 uur 25 minuten tegenover meer dan 5 in de heenrit. Romain, die vooraan zit daartegenover, ziet nog bleker dan ikzelf, en het is niet van de hoogte. Kortom, Pangong Tso is een prachtige locatie maar je moet er wel een helslange tocht voor over hebben.  We gaan 's avonds eten op kosten van Romain want hij is vandaag 64. Ongelofelijk wat een energie die mens uitstraalt, veel respect hiervoor. 5/ We 01/08: Vandaag moeten we maar om 8.30H opstaan want de 4X4 komt ons maar om 9.30H ophalen.  Zo goed als op tijd zijn we op weg naar Rumtse waar we rond de middag aankomen. Rond 13.00H trekken we ons op gang, samen met onze nepalese gids, nepalese kok en twee ezeldrijvers met 7 lastdieren en na 10 minuten doorwaden we de eerste rivier. Daarna gaat het gestaag omhoog en onderweg komen we een grote kudde yaks met hun drijvers tegen. Nooit zagen we in Nepal zoveel yaks in één keer. Zeker 150-200 dieren stuiven door de brede vallei naar beneden, een grote stofwolk achter zich latende. Na een dikke 3 uur zijn we op onze kampplaats, een mooie weide naast een riviertje en hebben hier enkel het gezelschap vn een frans koppeltje die ook naar Tso moriri trekt. We slapen dus direct een kleine 1000M hoger, namelijk op 4450M. 6/Th 02/08: De dag begint echt met een klim naar de eerste pas: de Kumur La op 5000M hoogte. Jeannique ziet af als een beest waaschijnlijk door een te snelle start van ons vier want het valt op dat we al verschillende personen van groepen die hoger geslapen hebben gepasseerd zijn maar ten koste van wat? Na de pas daalt het pad tot 4800M waar we lunchpauze houden, al krijgen we niet echt veel binnen. Met een bang hart beginnen we aan de tweede pas van de dag, de 5170M hoge Mandalchan La. Daniel die net van een alpine stage in Italië komt en geacclimateerd is, vliegt er op als een heuse gems. Romain en ikzelf hebben het lastiger dan op de eerste col. Jeannique daarintegen heeft haar tweede adem gevonden en volgt ons op een paar passen. Eens boven volgt nog een lange afdaling tot het 4900M hoog gelegen Tisaling. De wind is er haast niet te harden, en we zijn doodmoe maar de sfeer zit goed, het eten lekker en de service uitstekend. 7/ Fr 03/08: We beginnen rond 8.30H direct aan de beklimming van de 5200M hoge Shinbuk La. De 300 hoogte meters worden door ons wonderbaarlijk goed verteerd: Jeannique doet er exact een uur over, ikzelf sta boven in 48min, veel beter dan verwacht op deze hoogte. Van in de col heb je een zicht op het Tso kar, een groot zoutmeer en onze eerste echte bestemming. De rest van de tocht is een afdaling tot 4550M in Pangunagu, tijdens dewelke we talloze marmotten en pika's zien. Deze laatste zijn knaagdiertjes verwant aan grote hamsters. Als klap op de vuurpijl staan we oog in oog met kyangs; een wilde paardensoort die alleen nog voorkomt op de tibetaanse hoogvlakte van Changtang en in Rupshu. We kamperen dicht bij een tentenkamp waar de zogenaamde jeepsafari's halt houden om Tso kar en Tso moriri te bezoeken. Het enige voordeel hieraan is dat we de comfortabele en propere zitwc's kunnen gebruiken. 8/ Sa 04/08: Even na 8uur zijn we al op weg voor wat eigenlijk een overgangsdag naar de volgende cols is. Toch kan je het meer op verschillende locaties met andere kleuren fotograferen wat deze ietwat eentonige jeeppiste toch aangenaam maakt. Rond half twee liggen we al te zonnen op onze kampplaats en we maken ook van de gelegenheid gebruik om ons eens goed te wassen. Vuil?? 9/ Su 05/08: De dag begint met het doorwaden van een rivier. Ikzelf riskeer mijn hachje mer er over te springen door één voet te plaatsen op een steen in het midden van het water. Als deze glad is of omknikt lig ik er midden in maar alles verloopt prima en ik sta droog aan de overkant. Direct na de oversteek begint de klim naar de 4900M hoge Kongka La maar iedereen verteert deze prima. Na de afdaling gaan we op bezoek, thee drinken bij tibetaanse nomaden. Hun gastvrijheid in fenomenaal, ook al hebben deze mensen enkel hun yaks, pashmina geiten en een tent. Ik betaal met plezier het dubbel van wat er voor de thee gevraagd wordt: 500IR voor 6 koppen thee is nog twee keer niets.(minder dan 1 Euro) Na de thee krijgen we andere koek tussen de kiezen, nl de 5300M hoge Kyamayuri La welke tot nog toe de meest uitdagende van allemaal is. Daarna is het nog een uurtje afdalen tot op 5130M en we stappen niet door tot Gyamar Barma maar stoppen een half uurtje eerder zodat we volledig alleen staan om te kamperen. Aan rust geen gebrek op deze stek. Het eten smaakt, veel meer dan vorig jaar en met Rammstein als bondgenoot op de mp3 vallen we in slaap. 10/ Mo 06/08: De tocht van vandaag duurt maar 3-4 uur dus blijven we tot 7.30H in onze slaapzak liggen. Na een dik half uur beginnen we aan de Kartse La welke met zijn 5270M een rechtaan rechtuit pas is, the only way is up. De flank wordt als het ware overspoeld me een kudde schapen en geiten vergezeld van hun herder. Boven op de col is het vrij koud, het heeft deze nacht zelfs boven schatweg 6000M gesneeuwd, zodat we ons snel naar beneden haasten waar er veel minder wind is. Alvorens onze kampplaats te bereiken moeten we echter terug een rivier doorwaden. Rond de middag zijn zowel wij als de lastdieren met bagage op bestemming en wordt er de rest van de dag enkel nog geluierd. 11/Tu 07/08: Het begin van deze dag is simpel: we moeten onze laatste pas over, de 5450M hoge Yalung Nau La. Een echt col ishet eigenlijk niet, daarvoor gaat het niet steil genoeg en is de afstand te lang maar toch is het een echte kuitenbijter, het blijft maar duren eer je boven ben. Het pad slingert tussen de heuvelruggen van een 6000M! en de vallei ertussen wordt steeds smaller tot je plots achter een bocht de chortens en de vlaggetjes van het hoogste punt ziet. Van daaruit heb je kijk op het 900 meter lager gelegen Tso Moriri en dit is één van de mooiste vergezichten ooit op een trek tegengekomen. Na een korte pauze voor een natje en een droogje en natuurlijk de nodige foto's beginnen we aan de afdaling naar Korzok. Eerst gaat het snel en steil naar beneden, daarna loop je door een soort woestijn en het duurt echt lang vooraleer je de kloof linksaf kan inslaan naar het dorp. Je passeert er de vaste campings met slaaptenten, eettenten wc-tenten, douchetenten en kooktent. Wij vinden nog een kleine weide langs de rechteroever van de kolkende rivier en brengen een bezoek aan het dorp. we staan er versteld van hoe vuil en seolaat het hier wel is, niet echt het paradijs op aarde. Toch is een bezoek de moeite waard, al is het maar om een frisse cola of limca te drinken na 7 dagen in afzondering gestapt te hebben. Voor de klim is er minder goed nieuws: de beloofde klimgids met touw, gordel en vers voedsel is er niet, enkel de gordel en het voedsel. Indien ik op eigen initiatief geen touw van thuis had meegebracht moesten we niet eens vertrekken naar BC. Nu kunnen we wel vertrekken maar niemand van ons, ook de gids, de kok of de ezeldrijvers niet, weet waar het BC juist gesitueerd is. Dit zijn echter zorgen voor morgen... 12/We 08/08: Toch straf van Javeed dat hij ons hier laat stikken zonder iemand die weet waar het BC exact ligt. Gelukkig heb ik de gegevens van Paulo Grobel bij zodat we toch ongeveer weten waar we heen moeten. Het is een stukje teruglopen om het riviertje te vinden die van de gletsjer beneden komt en dat min of meer dit omhoog te volgen. Na 10 minuten stappen hebben we de eerste afslag naar links en doordat we een paar Ladakhi tegenkomen die zeggen dat dit een shortcut is, slaan we hier in. Hier maken we een criciale fout want in plaats van het riviertje te volgen zullen we de ganse dag geen water meer zien. Als we na 5 uur klimmen bij 30-35° in vrij lastig terrein tot stilstand komen om ingeveer 5200M moeten we echt een beslissing nemen. Jeannique en Romain zijn aan het einde van hun krachten en ook onze lastdieren hebben de ganse dag nog geen pijltje gras of een druppel water gezien. Daar zowel Jeannieque als Romain het niet zien zitten om de Mentok II te beklimmen neem ik het besluit om terug af te dalen naar de weiden waar de tibetaanse nomaden gestationneerd zijn. Daar begint trouwens het riviertje dat van BC komt. Jeannique en Romain zien het echter niet zitten om terug de tocht nog eens over te doen morgen en daar we vooraf afgesproken hadden dat ik bij haar zou blijven op 'haar" reis (we kiezen elk afwisselend  om de twee jaar een bestemming) is de kous voor de Mentok II af. Daniel, die van een 6000-er beklimmen "le but de sa vie" gemaakt heeft, wil het echter nog eens proberen en we gunnen hem zeker de kans zodat al ons gemeenschappelijk materiaal opgesplitst wordt. Hij zal met Shira, onze gids en sherpa, één ezeldrijver en 2 lastdieren proberen het BC te vinden en de dag erna een poging doen om de Mentok II te beklimmen. De andere ezeldrijver heeft serieus last van zijn maag en ligt uitgeteld in zijn tent.Als dit niet betert sturen we hem morgen naar de kazerne van Korzok waar er een arts aanwezig is. 13/ Th 09/08: Over deze dag kunnen we kort zijn: Daniël vertrekt rond 10 uur terug naar omhoog terwijl wij naar Tso Moriri trekken om er aan de oever van het meer te wandelen. In het water krioelt het van visjes en kevertjes en dit op 4500M hoogte. Het is terug bloedheet, onverdragelijk soms, waardoor Jeannique en ikzelf verbranden op elk aan de zon blootgesteld plekje. We hebben onze ezeldrijver naar de legerpost gestuurd want zijn maag is geenszins OK. Je ziet ze gewoon verkrampen. We zullen hem die dag niet meer terug zien. We eten 's avonds een half uurtje vroeger want we hebben geen eettent meer, die is mee naar boven. Toch smaakt het ook buiten verrukkelijk: Soep en pasta met tomatensaus vergezeld van mijn blik stoofvlees,. Om half acht zitten we al in onze tenten want de wind steekt weer serieus van wal. 14/ Fr 10/08: Wij maken van onze rustperioden nog maar eens gebruik om ons eens grondig te wassen, in 2 liter water. Voor de rest van de dag is het kuieren geblazen. Het duurt tot 16.00H vooraleer we leven bespeuren op de flanken van de heuvel onder M II. De jonge ponyman stort zich als het ware naar beneden en een klein uurtje later staat hij bij ons aan de tenten. Op Daniël en Shira is het tot 17.30H wachten eer ze bij ons zijn. Over de klim: De Mentok II was boven zijn petje vanwege de verijsde helling waar hij zich niet thuis op voelde. Ze zijn dan uitgeweken naar de Mentok Central waar een 30-35° puin- en rotshelling hem tot op de 6054M hoge top gebracht heeft.  Ook onze ezeldrijver is terecht. Hij heeft een nacht in het militaire kamp doorgebracht en ziet er stukken beter uit met zijn gepaste medicijnen. 15/ Sa 11/08: Ook al zagen we Shira de oren van zijn hoofd, we kunnen vandaag niet uit Korzok vertrekken. Er is in Korzok geen telefoon en we kunnen Javeed dus niet verwittigen om een 4X4 te sturen. Dan maar alles opkramen en terug onze tenten opslaan in dat klotedorp waar er amper een cola te verkrijgen is. Onze 2 nepalezen besluiten onze tenten te plaatsen vlak naast de rivier aan de linkeroever zodat we vrijwel vlak naast de 4X4 parking staan, een gemak voor morgen. Zelf vind ik het maar niks want door de hitte verandert het riviertje na de middag in een kolkende stroom die alles meesleurt. Dit weer is echt onhoudbaar, 40-41° en dit op 4600M, zodat gebeurt wat we gevreesd hadden: onweer. De donder en bliksem zijn niet voor ons maar het regent des te harder zodat we het water vlak naast onze tenten moeten afleiden.Om het half uur gaan we de tent uit om se waterstand te bekijken  en gelukkig houdt het rond 19.00H op. Een uurtje lter begint het water terug te zakken en we kunnen met een gerust hart onze laatste nacht doorbrengen. 16/ Su 12/08: Om 6.00H zijn we reeds gelaarsd en gespoord want we willen hier weg. Vanaf 4.00H is het terug aan het regenen en tot ons vertrek om 8.10H zal het geen moment ophouden. We nemen afscheid van onze 2 ezeldrijvers en weg zijn we, dwz wij vieren, onze 2 sherpa's, de chauffeur en een vriend van de chauffeur die een met hem meegekomen was. Alsof er plaats zat is in die toyota qualis. Komt hierbij nog al onze bagage en alles van het trekkingbureau. Alles kan niet mee zodat één en ander met een andere 4X4 naar Leh vertrekt. We lijken de familie Flodder wel die op uitstap gaat. Het traject bestaat uit 2 delen: Op voornamelijk onverhard door de (regenachtige) woestijn tot aan de Mahé brug en vanaf deze brug richting Leh op een geasfalteerde weg.Laat het nu uitgerekend dat tweede gedeelte zijn dat zeeeeer spectaculair is en vooral de eerste 50 Km uit onverhard (lees weggespoeld) bestaat. Nooit hebben we dit eerder meegemaakt en we danken onze driver op onze blote knieën dat we levend en wel Leh bereiken. Veel respect voor deze kerel, dezelfde trouwens als op de tocht naar Pangong Lake. Na 7 uur staan we voor de deur van dreamland met maar één doel: een warme douche. Daniël is zo blij met zijn bereikte doel dat hij ons allen inviteert voor een etentje in "il forno", the place to be. 17/ Mo 13/08:Na het ontbijt hebben we vandaag maar één doel: shopping. Jeannique en Romain laten zich eens goed gaan: bedspreien, stoffen, juwelen, zilveren halskettingen, CD's, T-shirts, papier-maché, kortom zowat elke shop wordt bezocht al dan niet met resultaat. Ondertussen regelt Daniël alles voor de komende dagen: eerst naar de Stok Kangri en daarna naar de Nubra vallei. Van al dat shoppen en vooral negociëren wordt je doodmoe en na het avondeten gaan we direct naar ons bed want morgen moeten we er weeral uit voor een zeer bijzondere gebeurtenis: een Puja met de Dalai Lama in Choglamsar, zijn zomerresidentie. 18/ Tu 14/08:Om 6.30H zitten we al in een taxi die ons full speed naar onze bestemming brengt waar we een half uurtje later na een grondige fouillering op de mat vooraan de weide plaatsnemen. We zitten op een 20 meter van de "troon" van de Dalai Lama en om 8.10 klinkt er plots trompetgeschal, een zeer doordringend geluid, wat zijn komst aankondigt. Een weinig later zie je een kleurrijke parasol in de menigte monniken naderen en plots komt er een lachend gezicht vanonder de franjes opdagen. Samen met de trompetten houdt ook het geloel van de menigte op, je hoort hier letterlijk een muis trippelen. De Dalai Lama groet de menigte, ook de buitenlanders en de puja kan beginnen. Jeannique geniet er met volle teugen van en zeker zij gaat nog lang van deze bijzondere ontmoeting nagenieten.  hoe kan zo een integer persoon zo een uitstraling en zo een impact op de wereld hebben? Voor de terugreis naar Leh hebben we geluk als we direct meekunnen met een gammele bus die ons voor 7IR langs binnenwegen terugbrengt tot in de binnenstad. Nu ja, wegen, menig Parijs-Dakar deelnemer zou stikjaloers zijn op zo een trainingsparcours. In de namiddag laten we Romain het oude stadgedeelte zien met zijn typische locale markt en ons oog valt op een set kommetjes die zeker meemoet naar België. Ook is het hier dat we onze kruiden kopen om ook thuis  nog een stukje India te kunnen proeven. Ondertussen hebben we afscheid genomen van Daniël die met een franse vriend vertrokken is naar de Stok Kangri. 's Avonds eten we een laatste keer in ons favoriete testaurant 'Il Forno" waar koken tot kunst verheven is. 19/ We 15/08: De chaos op de luchthaven van Leh is er zeker niet op verbeterd met de komst van Deccan Air. Komt hierbij nog dat er op woensdag een vlucht is van Indian Airlines naar Delhi en eentje naar Srinagar. Je hebt dus een meute voor 5 volle vliegtuigen in een ruimte die voorzien is voor maximum 2. Ze zijn aan het uitbreiden maar we verwachten de eerste 2 jaar zeker geen wonderen. Toch slagen ze er toch maar in om ons stipt op tijd de lucht in te sturen en eens aangelomen in Delhi blijkt ook alle bagage aangekomen. Handbagage wordt om veiligheidsreden niet toegestaan in vluchten vanuit Leh. Het is tijd om ons in het helse doolhof van Delhi te storten maar al bij al valt het nog mee want op 15 augustus is het in India nationale feestdag en dus is het naar indische normen helemaal niet druk op de weg, al denkt Romain er anders over. Hij zal morgen wel anders piepen. We hebben een kleine tegenslag als Cottage Yess Please volzet is maar ze brengen ons naar een bijverblijf genaamd Mini Yess Please. Voor onze reis naar Jaipur regelen we een taxi die ons 2 dagen gaat vergezellen zodat we geen tijd verliezen aan openbaar vervoer.  De loden zon in Delhi zorgt ervoor dat we ons vrij loom voelen en dus op tijd gaan slapen voor te tocht van morgen. Met de airco constant op 16° en de grote plafondventilator op stand 4 is het zalig slapen maar zeker niet te koud. 20/ Th 16/08:Het is 6.10H als de  consiërge ons komt melden dat de taxi er is, een Tata Indigo. Na een klein 100 Km begint de motor van  onze Tata serieus te pingelen, een pitsstop wordt gemaakt en onze chauffeur kapt  doodleuk een 2-3 liter water in de radiator. Na enkele minuten, we drinken eerst een masala thee, zijn we terug onderweg en zonder verdere kleerscheuren bereiken we ons poepsjieke hotel Umaid Bhawan in Jaipur. Nog geen kwartier erna zitten we ale drie in het zwembad, de eerste keer echte afkoeling na al die airco: zalig!!! Na de lunvh beginnen we aan de vekenning van Jaipur: Het roze fort, verschillende bazars, city palace, gaitor,... Jaipur is een stad van "maar" 2,2 miljoen inwoners doch met een drukte van jewelste. Je ziet er ook verschillende versierde olifanten gewoon op straat. Als we opgeschrikt worden door een bijna diefstal van onze rugzak slaat het enthousiasme even om maar dit dan gebeuren in elke drukke stad ter wereld en we laten het niet aan ons hart komen. Een ganse bevolking veroordelen voor één rotte appel zou maar al te gortig zijn. Terug in het hotel nemen we nog maar eens een afloelende douche, het is heet in Jaipur maar niet zo drukkend als in Delhi, alvorens op het dakterras te dineren. Het eten is super lekker en vooral de Tandoori is niet te versmaden. We hebben een drukke maar mooie dag achter de rug. 21/ Fr 17/08: Na het ontbijt gaan we met onze taxi (aan 6IR per km + 100IR voor de overnachting van de chauffeur) en een locale gids naar het impressionante Amber Fort waar oa belgisch glas is gebruikt om de muren en plafonds te decoreren. Zelden zagen we zo een indrukwekkend gebouw. Daarna gaan we naar het Jal Mahal, het befaamde waterpaleis dat echter gesloten is voor renovatie en nadien een restaurant gaat worden. Ons bezoek aan Jaipur is een beetje kort en met spijt in ons hart vangen we de terugreis aan. Na 65 Km hebben we terug prijs: onze sissende Tata geraakt amper nog aan de kant met een bijna noodstop tot gevolg. Een kwartiertje later en met 3 liter water meer in de leidingen vervoegen we onze reis op de expresweg waar koeien, schapen, spookrijders links, spookrijders rechts, alles wat je maar kan denken je het pad kruisen, zelfs rijdende chassis.(dit moet je gezien hebben)  Autorijden in India, het is iedereen niet gegeven en watjes als wij blijven het best van achter de "drivers seat". Eén ding is zeker: als Jaipur representatief is voor Rajastan, dan moeten we hier zeker eens een ganse reis aan besteden. 22/ Sa 18/08: De laatste dag vangt aan met een superontbijt bij"nirula's potpouri", waar je voor minder dan 5 Euro zowat alles wat er bestaat qua ontbijt kan nuttigen. Na 3 weken kornflakes en cheesetoast lijkt dit wel de hemel. Vervolgens wordt Palika-bazar, het ondergrondse winkelcomplex veroverd en de laatste roepies verdwijnen in de zakken van de handelaars op Janpath road. Je mag geen IR uitvoeren en terug wisselen is geen optie. In de late namiddag wordt alles gewikt en gewogen om op de juiste plaats in de bagage te krijgen en voor de voorlopig laatste keer gaan we dineren in Malhodra's. Daarna nog een lekker lauwe douche en het aftellen kan beginnen voor het wachten op de taxi. 23/ Su 19/08: Als we vertrekken uit ons hotel hebben we voor het eerst regen in Delhi en het is alsof Krishna, Ganesh, Vishnu en Bouddha wenen voor ons vertrek. Toch is dit zeer normaal tijdens de moesson en we hebben met het weer zeer veel geluk gehad. Uiteindelijk landen we een kwartier te vroeg in België waar Lena en Jozef trouw als twee rotsen in de branding op ons staan te wachten.